Vergunningen

Vegetaties: vergunningsplicht en verbod op wijzigen

Vegetaties zijn de natuurlijke en half-natuurlijke begroeiingen, met alle spontaan gevestigde kruid-, struweel- en bosbegroeiingen. Het water, de bodem en de lucht (het abiotische milieu) waarin zij voorkomen, kan door de mens beïnvloed of gevormd zijn. Ook bossen behoren tot de vegetatie, ook als de bomen aangeplant zijn. Cultuurgewassen behoren niet tot de natuur. 

Voorbeelden :

  • Vennen, heiden, moerassen, schorren, slikken, duinvegetaties. 
  • Niet recent omgeploegde en ingezaaide graslanden. 
  • Loofbossen, houtachtige beplantingen.

Wijzigen van vegetaties

Voor het wijzigen van vegetaties is in een reeks ruimtelijke bestemmingen en in gebieden met een bepaald beschermd statuut, een natuurvergunning vereist. Tenzij de noodzakelijke werken reeds voorzien zijn in een goedgekeurd beheerplan, of indien dit vermeld staat in een andere vergunning (bijvoorbeeld een stedenbouwkundige vergunning) en indien het Agentschap voor Natuur en Bos deze vergunningsaanvraag heeft geadviseerd. Het is dus raadzaam expliciet om dit advies te vragen bij de overheid die de vergunning aflevert. In de meeste gevallen zal dat de gemeente zijn.
Indien je een (kap)machtiging hebt verkregen vanwege het Agentschap voor Natuur en Bos volgens het Bosdecreet hebt, heb je geen natuurvergunning nodig. Een natuurvergunning heb je eveneens niet nodig op in de onmiddellijke omgeving van een vergunde woning of bedrijfsgebouw (100 meter of 50 meter in grondgebied, parkgebied, buffergebied of bosgebied. Voor het normaal onderhoud van vegetaties heb je geen natuurvergunning nodig. 
 

Welke vegetaties?

Het gaat over alle vegetaties gesitueerd in verderop genoemde gebieden. Maar ook het wijzigen van historisch permanente graslanden, met inbegrip van het daaraan verbonden microreliëf en poelen, indien deze gelegen zijn in valleigebieden, brongebieden, natuurontwikkelingsgebieden, agrarische gebieden met ecologisch belang of agrarische gebieden met bijzondere waarde en de met deze gebieden vergelijkbare bestemmingsgebieden aangewezen op de plannen van aanleg of de ruimtelijke uitvoeringsplannen van kracht in de ruimtelijke ordening, of indien deze historisch permanente graslanden gelegen zijn binnen de perimeter van het beschermingsgebied IJzervallei (BE 2500831) of binnen de perimeters afgebakend in uitvoering van de Habitatrichtlijn, in zoverre het desbetreffende type historisch permanent grasland binnen deze perimeters als habitat is aangemeld. 


Waar geldt de natuurvergunningsplicht voor wijziging van vegetaties?

1° In de gebieden die vallen onder de volgende bestemmingen op de gewestplannen:

  • groengebieden
  • parkgebieden
  • buffergebieden
  • bosgebieden
  • valleigebieden
  • brongebieden
  • agrarische gebieden met ecologisch belang
  • agrarische gebieden met bijzondere waarde
  • natuurontwikkelingsgebieden.

2° In de beschermde duingebieden;
3° In de Speciale Beschermingszones – Habitatrichtlijn;
4° Binnen de Speciale Beschermingszones – Vogelrichtlijn;
5° Binnen de Ramsargebieden.

Hoe natuurvergunning aanvragen?

Particulieren en private organisaties doen dat bij het gemeentebestuur. Publieke rechtspersonen doen dat bij de Bestendige Deputatie van het provinciebestuur. Gebruik hiervoor het formulier voor het wijzigen van vegetatie of het wijzigen van kleine landschapselementen (doc)

Vegetaties die je niet mag wijzigen

Kwetsbare vegetaties mogen niet gewijzigd worden, tenzij met een ontheffing. De aanvrager kan de vraag tot ontheffing indienen bij het ANB. 

Het is verboden de volgende vegetaties te wijzigen, ongeacht hun ruimtelijke bestemming (op graslanden na): 

  • Historisch permanent grasland met inbegrip van het daaraan verbonden microreliëf en poelen, indien deze gelegen zijn in groengebieden, parkgebieden, buffergebieden, bosgebieden en de met deze gebieden vergelijkbare bestemmingsgebieden aangewezen op de plannen van aanleg of de ruimtelijke uitvoeringsplannen van kracht in de ruimtelijke ordening of indien deze gelegen zijn binnen de perimeter van beschermd landschap of van de beschermingsgebieden Poldercomplex en Het Zwin + krekengebied
  • Vennen en heiden
  • Moerassen en waterrijke gebieden
  • Duinvegetatie 

Biologische waarderingskaart 

Op de biologische waarderingskaart (BWK) staan een aantal codes die indicatief aangeven welke vegetaties en kleine landschapselementen op een bepaald perceel voorkomen. Je gebruikt deze kaart en de codes om te weten te komen welke vegetaties je niet mag wijzigen. Een volledige lijst van beschermde vegetaties vind je in het besluit van de Vlaamse Regering van 23 juli 1998 tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het Decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en hat natuurlijk milieu. Voor de historisch permanente graslanden kijk je in Bijlage IV van het Besluit van de Vlaamse Regering. Voor de vennen en heiden, de moerassen en waterrijke gebieden en de duinvegetaties raadpleeg je Bijlage V van het Besluit van de Vlaamse Regering.