U bent hier: 
Klein lettertype Normaal lettertype Groot lettertype
Print deze pagina Email de link van deze pagina naar een vriend

Historiek

In 1388 stichtten enkele vrome mannen een augustijnerklooster in Zevenbronnen, toen nog een onderdeel van het Zoniënwoud. Slechts een boogscheut verder grensde het Brabantse woud aan het Henegouwse Hallerbos. Deze toestand duurde tot het einde van het ancien régime. Op haar hoogtepunt bood de priorij onderdak aan meer dan dertig monniken. Daarnaast leefden er ook nog een aantal schenkers die levenslang in het klooster mochten verblijven, alsook lekenbroeders en arbeiders. De priorij haalde haar inkomsten, rechtstreeks of via pachtgelden, vooral uit de land- en bosbouw, uit de exploitatie van molens en uit de viskweek in de vijvers van het domein.
Hoewel de naam van het domein naar 'zeven bronnen' verwijst, exploiteerden de kloosterlingen in de 18de eeuw niet minder dan negen vijvers: de 'Crommen Vijver', de 'Ruytersvijver', de 'Oude Molenvijver', de 'Eysputvijver', de 'Kerkvijver', de 'Vetvijver', de 'Fonteynvijver', de 'Vierkantvijver' en de 'Blonten vijver'.
De religieuze en culturele uitstraling van de priorij van Zevenbronnen was groot. Het klooster bezat een vermaard 'scriptorium' waar monniken en broeders boeken kopieerden en verluchtten met miniaturen.
Beroemde bezoekers verbleven in Zevenbronnen, onder hen figuren zoals Keizer Karel en koning Filips II van Spanje (en de Nederlanden).
De Oostenrijkse koning Jozef II schafte de priorij op 17 maart 1783 af, samen met de kloosters van andere beschouwende orden, omdat daarin volgens hem 'slechts een louter bespiegelend leven geleid wordt dat de godsdienst, de staat en de medemens volkomen nutteloos is'. Enkele jaren later werd het domein verkocht. De nieuwe eigenaars maakten zo goed als alle gebouwen met de grond gelijk. Een aantal verkeerde trouwens in slechte staat. Alleen het oude 'vreemdelingenkwartier', verblijfplaats voor bezoekers, bleef overeind.
Herinneringen aan de priorij van Zevenbronnen kun je bewonderen in de parochiekerk van Sint-Genesius-Rode. Daarheen verhuisden twee biechtstoelen, de preekstoel en de communiebank, allemaal versierd met barok houtsnijwerk.

terug