U bent hier: 
  • Home
  • De natuur in!
  • West-Vlaanderen
  • Meikensbossen
Klein lettertype Normaal lettertype Groot lettertype
Print deze pagina Email de link van deze pagina naar een vriend

Meikensbossen

Op de grens tussen Tielt en Dentergem ligt een nieuwe toeristisch-recreatieve kern op en rond de Poelberg. Het nieuwe stadsrandbos Meikensbos vind je vlak aan aan de voet van de Poelberg. Het bos is aangenaam om in te wandelen door zijn verscheidenheid aan landschappen. Oud en jong bos, spontaan ontwikkeld bos, dreven, hooilanden en weilanden wisselen elkaar af. Ook enkele verspreide poelen verfraaien de belevingswaarde. Het uitzicht op de Poelbergmolen maakt het plaatje compleet.

Ons contacteren

Agentschap voor Natuur en Bos
Jacob van Maerlantgebouw
Koning Albert I-laan 1/2 bus 74
8200 Brugge (Sint-Michiels)
Telefoon: 050 24 77 40
Fax: 050 24 77 45
wvl.anb@vlaanderen.be
Dagpauwoog - Erwin DerousMeikensbossen - Regine VanallemeerschOranjetipje - Erwin DerousPinksterbloem - Regine VanallemeerschTorenvalk - patrick KeirsebilckZwartkop - Jeroen Bot

Fauna en flora / geschiedenis

Geschiedenis

De naam Meikensbossen wordt nog maar  sinds kort gebruikt en is afgeleid van het toponiem het Meike dat in de buurt goed gekend is. Vroegere namen waren onder andere het Vijversbos, de Bunders, de Sperrebossen. In oude geschriften lezen we nog meer schilderachtige namen voor verdwenen bospercelen van vroeger: het Zwanenestjen, het Schrooitje, het Erbeziebosch en het Biesbulkske of percelen met minder schilderachtige namen als het Sperren-, Els- of Steenbos.

Op de Ferrariskaarten kan men zien dat de omgeving van het huidige Meikensbos 200 jaar geleden nog een bosrijke omgeving was, het zogenaamde Dendrombosch. In de 19de eeuw raakten deze bossen versnipperd. Door de gestage kap voor brandhout tijdens de twee wereldoorlogen en ontginningen ten voordele van landbouwgronden daarna, slonk het bosgebied tot een schamele 5 hectare.

Het Agentschap voor Natuur en Bos kocht tussen 2000 en 2010 in deze omgeving 46 hectare gronden, waarvan 3,5 ha van het oude Vijverbos. Dat is de oppervlakte van bijna 100 voetbalvelden.

Jaarlijks wordt het domein verder ingericht en bebost.

Natuurwaarden

Het jonge Meikensbos biedt nu al een landschappelijk verrassende afwisseling van oud en jong bos, natuurweilanden en zaadboomgaarden.

Zoals de naam Vijverbos doet vermoeden, zijn de meeste gronden hier vochtig tot zeer nat. Het zeer natte populierenbos wordt omgevormd naar het meer natuurlijke elzen-vogelkersbos.

In het iets hoger gelegen Oude Eikenbos vind je typische plantensoorten van oud bos zoals gele dovenetel, valse salie, grote wederik, slanke sleutelbloem, gewone salomonszegel, adelaarsvaren en bosanemoon.

In de open natuurgraslanden vind je niet alleen heel wat plantensoorten, maar door de dreven, houtkanten, struwelen en veedrinkpoelen leven er ook amfibieën en watergebonden insecten. Ook de recente spontane ontwikkeling van enkele bremstruwelen draagt bij tot structuurdiversiteit.

De houtkanten in Meikensbos hebben een dubbele functie. Zij zorgen niet alleen voor een recreatieve en ecologische diversiteit, maar de planten zijn zorgvuldig geselecteerd. Van gewone vogelkers, sleedoorn, rode kornoelje, hazelaar, Gelderse roos, eenstijlige meidoorn, mispel, kardinaalsmuts en hondsroos wordt hier gecertificeerd inheems zaad geoogst om verder te verspreiden in onze Vlaamse bossen.

Er zijn ook zaadboomgaarden aangelegd met geselecteerd inheemse bomen, onder andere van linde en haagbeuk. Deze bomen zijn echter nog wat jong om van te oogsten.

Deze bossen vormen ook de geschikte biotoop van heel wat diergroepen. We horen en zien hier veel zangvogels zoals de zwartkop, fitis, grasmus, rietgors, zanglijster, spotvogel en tuinfluiter. Enkele typische bosvogels zijn de gaai, grote bonte en groene specht en de alom tegenwoordige houtduif. In de omliggende weilanden vertoeven patrijs, haas, veldleeuwerik, kievit en gele kwikstaart. Ook roofvogels vonden de weg al naar de Meikensbossen: de torenvalk en buizerd zijn regelmatig geziene gasten, ’s nachts nemen steenuil, ransuil en sinds kort ook bosuil hun rol over. ’s Winters passeren hier graspiepers, koperwiek en kramsvogel, witgat en watersnip op hun jaarlijkse trektocht.

Ook diverse vlindersoorten konden al gespot worden: dagpauwoog, oranjetipje, koninginnepage en Sint-jansvlinder zijn er enkele van.



Share/Bookmark