In de Zwarten Hoek werden de oude ontkalkte duintjes deels afgegraven voor zandwinning. Een meer dan 10 meter diepe zandgroeve, lokaal gekend als ‘De Drie Vijvers’, is nu gevuld met zuiver en helder grond- en regenwater. Resten van de voormalige zanddepots en voormalig polderland dragen bij tot de variatie in het gebied. De afwateringssloot Langgeleed doorklieft de Zwarten Hoek.
Op de schrale duinweiden vinden we plantensoorten terug die typisch zijn voor min of meer ontkalkte duingraslanden, zoals onderaardse en gestreepte klaver, hazepootje, blauwe bremraap en schapezuring. In het voormalige zanddepot vinden we eerder kalkminnende ‘duin’planten zoals wondklaver, duindoorn en moeraswespenorchis en interessante kolonies zandbijen. De oevers van de vijver zijn plaatselijk begroeid met riet en wilgenopslag, in het water groeien o.a. aarvederkruid, zannichellia en het zeldzame doorschijnend sterrenkroos. Ook vogels worden aangetrokken door het vele lekkers dat het water te bieden heeft. Op de vijver duiken meerkoeten, kuifeenden, aalscholvers, futen, dodaarsjes en een enkele kleurrijke ijsvogel achter visjes, driehoeksmossels, insecten of waterplanten. In de steile wanden van de zandgroeve woont een kolonie oeverzwaluwen. Zangvogels als rietgors, kleine karekiet, rietzanger en blauwborst maken de omgeving van de rietkragen en wilgenstruiken tot een streling voor het oor. De ruigten van het zanddepot en de verlaten akkerpercelen zijn het leefgebied van roodborsttapuit, veldleeuwerik, graspieper en patrijs. Bruine en blauwe kiekendief jagen tijdens het zomer-, respectievelijk winterhalfjaar geregeld boven het gebied. Kieviten en watersnippen zijn graag geziene wintergasten op de duin- en polderweiden.