De twee belangrijkste aspecten van het bosbeleid zijn multifunctionaliteit en bosbehoud.
Bossen hebben veel functies:
De meeste bossen in Vlaanderen blijken economisch niet rendabel. Door de grote bosversnippering is het voor individuele boseigenaars vaak onmogelijk om hun bos efficiënt te beheren. Bovendien beschikken heel wat eigenaars ook niet over voldoende bosbouwkundige kennis. Door de eigenaars via de bosgroepen samen te brengen, kan de economische functie beter benut worden.
De sociaalrecreatieve functie van de privébossen blijft nog te vaak beperkt tot de boseigenaar en zijn of haar directe omgeving (privélandgoederen, weekendhuisjes, enzovoort), terwijl de vraag naar groene ruimte en speelbossen juist heel groot is. De Vlaamse overheid wil daarom de sociale functie van de privébossen naar een bredere doelgroep uitbreiden. In de regel zijn alle openbare bossen voor het publiek toegankelijk. Daarnaast is het een doelstelling om, in samenspraak met de recreanten enerzijds, en met de verschillende openbare en privéboseigenaars anderzijds, meer privébossen te laten openstellen.
De ecologische functie van het bos kreeg het voorbije decennium alsmaar meer aandacht. Bijvoorbeeld door:
De Vlaamse overheid werkte een aantal subsidiemogelijkheden uit om boseigenaars die hun bos multifunctioneel beheren te ondersteunen
In Vlaanderen bedraagt de totale bosoppervlakte 177.424 hectare. Dat komt overeen met een bosindex (= het aandeel van de bosoppervlakte in de totale landoppervlakte van het Vlaamse Gewest) van 13 procent. Daarmee is Vlaanderen één van de bosarmste streken van Europa. Het is dan ook belangrijk om het beperkte bosareaal te beschermen. Uit een vergelijking tussen de boskartering van 1990 en die van 2000 bleek dat maar liefst 6107 hectare bos verdwenen te zijn. Om het bestaande bosareaal optimaal te beschermen, zijn een aantal specifieke regels ontwikkeld met betrekking tot ontbossing en compenserende bebossing.
terug