De Verenigde Naties riepen 2011 uit tot het Internationaal Jaar van de Bossen (International Year of Forests).
Wereldwijd bestrijkt bos 31% van het landoppervlak. Met dit Internationale Jaar van de Bossen wil de VN iedereen sensibiliseren en bewust maken van het belang van bossen en het duurzaam beheer ervan.
Het Internationale Jaar van de Bossen gaat officieel van start in New York op het negende 'United Nations Forum on Forests (UNFF)', of kortweg het 'Bossenforum'.
Vanuit het Agentschap voor Natuur en Bos trekt Carl De Schepper naar het Bossenforum. Volg hier zijn 'live' verslaggeving van de conferentie.
Het VN Bossenforum focuste in zijn negende sessie op twee concrete resultaten.
De houding van Bolivia bleek de belangrijkste klip om nemen. Bolivia hield haar verzet tegen de rechtmatigheid van de Cancun-beslissingen vol. Dit werd vooral acuut bij de afwerking van de omnibusresolutie, waarbij de EU het armworstelen won door te dreigen liever geen resolutie te zien, dan in een formele VN-tekst voetnoten te zien opduiken die de Cancun-besluiten in twijfel zouden trekken. UNFF10 zal plaatsvinden in Istanbul 2013, datum nog nader te bepalen. Met een geslaagde openingsceremonie kon het Bossenforum het Internationaal Jaar van het Bos aftrappen. Nederland kondigt een country-led initiative aan samen met Vietnam. Dit initiatief zal focussen op de bijdrage van de bossector aan de groene economie en duurzame handel (eerder al aangekondigd maar toen met focus op maatregelen in de strijd tegen illegale houtkap en aanverwante handel). Alles beschouwd een geslaagde sessie van het VN Bossenforum met een innoverende multistakeholder dialoog, een geslaagd ministerieel segment met interactieve rondetafelsessies, vele nevenevenementen en behoorlijke internationale media-aandacht. Alleen de beperkte ministeriële participatie aan het high level segment was een minpunt, maar dat was waarschijnlijk ook te wijten aan verschillende afmeldingen door het strenge winterweer in New York!
Voorlaatste dag van het Bossenforum. Vandaag de tweede (en laatste) dag van het ministeriële onderdeel. De hoge vertegenwoordigers discussieerden in verschillende ‘rondetafelpanels’ met elkaar over vier actuele onderwerpen die ongeveer gelijk liepen met de hoofdthema’s voor deze sessie:
Ministers voor een lege zaal In de grotere internationale conferenties is er in de ministeriële dagen steeds een deel voorzien voor ‘interventies’. Maar dat zijn niet meteen de meest interessante gebeurtenissen. De hoge vertegenwoordigers lezen de zorgvuldig voorbereide toespraken af en doorgaans is er relatief weinig aandacht in de zaal. Ik heb het al meegemaakt dat een voormalig Frans president voor een nagenoeg lege theaterzaal met vuur een toespraak stond te houden!
Maar die gelegenheden zijn een onmisbare bouwsteen in de constructie van zo’n conferentie. Een verplicht nummer in de complexe paringsdans op de internationale scène. Het echte spel speelt zich af buiten deze zalen en naast de formele toespraken.
In de grotere conferenties, zoals Nagoya of Cancun, daar spelen die ministers wel een belangrijke rol. Het lijken wel wielerwedstrijden waarbij de kopman naar voor komt in het wiel van de helpers. En op het goede moment - niet te laat en zeker niet te vroeg – komen die los en moeten het alleen afmaken. De kopman moet op het passende moment ingezet worden. Klaar om beslissende deals af te dwingen. Dat was zo in Nagoya, en ook in Cancun.
Niets van dit alles tijdens het Bossenforum. Achteraf bekeken leek het niet zo’n goed idee aan deze sessie een ministerieel luik te hangen. Eigenlijk stond er voor de ministers niets belangrijks op het spel. Buiten dan het lanceren van het Internationaal Jaar. Maar weegt dat op tegen de maatschappelijke en ecologische kost om stevige delegaties naar New York af te vaardigen? Het volgende ministerieel segment is pas voorzien binnen vier jaar, voor de elfde sessie. Dan staat opnieuw de evaluatie van de internationale regeling rond bossen op de agenda. En dat is andere koek.
Dit werpt een schaduw op de glans van het VN Bossenforum. Tegenstanders van het VN Bossenforum trekken het bestaan van het forum in twijfel. Een stevig bossenprotocol onder de conventie rond biodiversiteit, zou veel meer slagkracht kunnen genereren. Of een gecombineerde actie tussen de drie Rio Conventies, een instrument van de tweede generatie - zeg maar een instrument voor instrumenten – zou een stevige vernieuwing kunnen betekenen voor de hele internationale scène. Maar dat is nog te vernieuwend op dit moment.
De laatste puntjes op de i achter de schermen Ik maakte zelf niet veel mee van het ministeriële onderdeel. Neen, ik zat in een kleiner theater. Het VN Bossenforum werkt nu aan twee concrete resultaten:
De onderhandelaars van de ministeriële verklaring roken dinsdag al onraad. Er waren zoveel opmerkingen op de ontwerptekst, dat de normale onderhandelingswijze te veel tijd zou vergen. Daarom moest het Bureau een nieuwe tekst voorstellen. (zie blog van dinsdag – ‘Onderhandelaars wagen een gok’) Die tekst kwam gisteren beschikbaar. En dan dook de groep meteen in informal-informal modus om de degens te kruisen. Maar wonder boven wonder, niemand leek echt gelukkig met de tekst! Maar kon er toch mee leven, als dat ook zo was voor alle andere delegaties. Dit aftasten van het terrein neemt al gauw enige tijd in beslag en vereist een intens overleg tussen de professionele onderhandelaars. Dat zijn dan de diplomaten die hun land hier in New York bij de VN vertegenwoordigen. In de wandelgangen van het VN gebouw hier doodleuk ‘de New York maffia’ genoemd!
En dan begint het spel. Toch de tekst heropenen, om een aantal kleine redactionele correcties aan te brengen? En van de ene kleine aanpassing springt het naar de andere, en na een uurtje dreig je weer aan het begin te staan van een uitgebreide aanpassingsronde. Toch vonden de onderhandelaars snel een evenwicht, en aanvaarden de tekst ‘ad ref’, met kleine aanpassingen. Ware er niet één delegatie die nog met een nieuw tekstvoorstel op de proppen kwam. Niets controversieels, maar toch dubbelzinnig genoeg om argwaan te wekken. De tekst zou impliciet verwijzen naar de resultaten van Cancun, en oproepen deze resultaten aan te wenden tot het versterken van duurzaam bosbeheer. Jammer, maar nogal onhandig en vooral laattijdig ingebracht. En dan start een heel ander theater. Niet meer gesteund op inhoudelijke argumenten, maar eerder op vorm en respect voor de regels van het spel. Na vele uren bond die delegatie toch in. De ontwerptekst voor de ministeriële verklaring kreeg dan vandaag rond 13uur de zege van de formele werkgroep. De tekst kon naar de ministers, die de tekst aanvaardden.
Maar dat ministeriële onderdeel heb ik dus gemist. Want we zaten ondertussen weer in ons klein theater, aan een ander toneelstuk te werken. De onderhandelingen rond de omnibusresolutie hadden de tekst aangedikt van oorspronkelijk 9 pagina’s tot 43 pagina’s! Ook hier waagden de onderhandelaars dezelfde gok. Het Bureau kreeg opdracht de tekst te herwerken. Deze versie kwam er pas rond 14u vandaag. De EU dook meteen in coördinatie – onze eigen marathon weet je nog? – om de tekst door te lichten. Om 18u zou de werkgroep van het VN Bossenforum opnieuw bijeenkomen. Omstreeks half zeven had de EU een positie. Ondertussen werd op aangeven van de Belgische delegatie gecheckt of een gelijkaardige aanpak als met de ministeriële verklaring haalbaar was. Onze actieve diplomaten schoten meteen in actie en de scène werd gezet voor de volgende akte. Was er bereidheid de tekst te nemen zoal die is, ook al schiet die op verschillende punten tekort? En dat theater is nu volop aan de gang, op het moment dat ik dit schrijf. Ik ben even weggeslopen. Collega Vicky is aanwezig en houd me via sms op de hoogte.
Het is donderdagavond, 21u35 in het nieuwe North Lawn Building van de VN. Het oude gebouwcomplex met z’n architectonische charmes is in renovatie. Wachten tot het doek valt of uitkijken voor verrassende wendingen in het nog ongeschreven scenario...
New York: het logo van het Internationaal Jaar van de Bossen geprojecteerd op het VN gebouw.
Eindelijk de grote dag vandaag. De officiële start van het Internationaal Jaar van de Bossen 2011. Hier in New York spreken we ondertussen over Bossen2011. Voor deze gelegenheid verhuisde het VN Bossenforum (UNFF9) naar de indrukwekkende hal van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Joseph Deiss, voorzitter van de 65ste Algemene Vergadering van de VN, zat de ceremonie voor. Er stonden een reeks toespraken op het programma en een videoboodschap van de secretaris-generaal van de VN, Ban Ki-Moon. Rode draad doorheen de toespraken was de rol die bossen en natuurlijke ecosystemen spelen voor het voortbestaan van onze planeet en het welzijn van alle mensen. Er klonk een luide roep om de kansen van dit Internationale Jaar ten volle te benutten, en om de inspanningen verder te laten reiken dan alleen dit jaar.
Prof. Wangari Maathai, VN ambassadeur voor de Vrede en 2004 laureaat van Nobelprijs voor de Vrede, riep in een bevlogen toespraak op tot een eerlijke verdeling van de opbrengsten van natuurlijke rijkdommen. Zij stelde dat het duurzaam beheer van natuurlijke hulpbronnen ‘de moeder’ is van alle Millenniumdoelstellingen. Dit zijn doelstellingen die de staats- en regeringsleiders hebben aangenomen om duurzame ontwikkeling te bevorderen en armoede te bestrijden. ‘Wereldleiders die dit niet erkennen, leveren alleen lippendienst aan duurzame ontwikkeling’, stelde Maathai.
Een andere opmerkelijke passage kwam uit Rwanda. Stanislas Kamanzi, minister van leefmilieu en landbeheer, bracht namens president Paul Kagame de boodschap dat Rwanda start met een grootschalig programma van landschapsherstel door herbebossing. ‘Duurzaam beheer van ecosystemen zullen we inzetten voor de plattelandsontwikkeling. Een masterplan voor landgebruik is opgesteld met steun van verschillende internationale partners. In de uitvoering van het plan, zal betrokkenheid van de bevolking een belangrijk principe zijn. Het bevat uitdagende doelstellingen voor voedselveiligheid, duurzame energievoorziening, ontwikkeling gesteund op laag koolstofverbruik afkomstig uit fossiele energiebronnen, veilige watervoorziening en ontwikkeling van biodiversiteit’.
De bekende filmmaker en fotograaf Yann Arthus-Bertrand kwam zijn nieuwe project ‘forests’ voorstellen. Er is een kortfilm en een fotoboek beschikbaar voor iedereen, indrukwekkende posters zijn af te halen via de website van de stichting van Yann Arthus-Bertrand. Info is te vinden op www.goodplanet.org/forests.
De boodschap van het Internationaal Jaar van de Bossen is duidelijk. 1,6 miljard mensen zijn afhankelijk van bossen voor hun dagelijks bestaan. Dat is bijna een kwart van de wereldbevolking. Bossen worden echter op grote schaal bedreigd. Bossen zijn essentieel voor al het leven op aarde. Ze voorzien in de dagelijkse levensbehoeften van miljoenen mensen. Ze gaan klimaatverandering tegen en dragen bij aan duurzame ontwikkeling. Bossen herbergen 80% van alle biodiversiteit op aarde. Bossen beslaan 31% van de totale landoppervlakte en slaan meer koolstof op dan de hoeveelheid die momenteel aanwezig is in de atmosfeer. Bossen leggen het broeikasgas CO2 vast in de vorm van hout, bladeren en wortels. Op die manier vormen bossen een enorme opslagplaats van koolstof en dragen ze bij aan klimaatregulatie. Als er bos wordt gekapt, komt er CO2 vrij. Ongeveer achttien procent van de mondiale CO2-uitstoot wordt veroorzaakt door ontbossing. Het verminderen van ontbossing en herstellen van bos is daarom een logische manier om klimaatverandering tegen te gaan. Bossen bieden het snelste, meest kosteneffectieve middel om de wereldwijde uitstoot terug te dringen. Het halveren van deze emissie tussen 2010 en 2020 zou volgens schattingen 3,7 triljoen US dollar besparen.
Familie, vrienden en collega’s vragen wel eens hoe zo’n megavergadering eigenlijk verloopt? Hoe organiseer je een vergadering met 190 landen en enkele honderden deelnemers?
De verantwoordelijkheid voor zo’n vergadering ligt bij het Bureau. Dat zijn in het geval van het VN Bossenforum vijf mensen die samen met het ondersteunende secretariaat het hele orkest dirigeren. Die mensen vertegenwoordigen elk een regionale groep: Afrika, Latijns-Amerika en de Caraïben, Azië, Oostelijk Europese landen en de groep van Westerse geïndustrialiseerde landen. De Europese Unie zit samen met de USA, Canada, Zwitserland en Noorwegen in deze laatste groep, afgekort tot WEOG. De landen die lid zijn van het Bureau voor deze sessie van het Bossenforum zijn: Senegal, Suriname, Maleisië, Letland en Oostenrijk. Je merkt meteen dat de Europese Unie twee lidstaten in het Bureau heeft. De spelregels binnen de VN zijn immers nog niet aangepast aan de uitbreiding van de Europese Unie, of andere geopolitieke feiten zoals het wegvallen van het Ijzeren Gordijn en het Communistische blok in Oostelijk Europa. De landen van het Bureau stellen een voorzitter van de vergadering voor, maar meestal geldt hier de ongeschreven wet van de rotatie. Dit betekent dat elke regio wel aan de beurt komt om de voorzitter te mogen leveren. Nu is dat Letland. Binnen de WEOG-groep bestaat een afspraak om de vertegenwoordiging afwisselend te laten verlopen tussen EU-lidstaten en de andere leden van de groep. M’n Oostenrijkse collega, Ingwald, moet binnen het Bureau de belangen van zijn groep verdedigen. Arvids, onze Letse collega, moet de groep van de Oostelijke Europese landen vertegenwoordigen, maar tegelijk zit hij ook in het EU-circuit.
AfvallingskoersDe vergadering zelf werkt als een ware afvallingskoers. De ‘plenaire’ vergadering neemt de finale eindbeslissingen. Maar om de gesprekken praktisch te organiseren, wordt zo’n vergadering in werkgroepen opgesplitst. Dat zijn er meestal twee. De verdeling van de thema’s tussen de werkgroepen is soms arbitrair. Maar vaak zitten de eerder inhoudelijke en technische thema’s in één werkgroep, en de meer procedurele of horizontale onderwerpen in een andere. Maar een gelijke verdeling van de werklast is ook een belangrijk criterium. Die werkgroepen vergaderen nog steeds ‘met iedereen’ erbij, en met volledige technische ondersteuning. Dit betekent bijvoorbeeld een volledige vertaling naar de zes officiële VN-talen (Engels, Spaans, Frans, Chinees, Russisch, Arabisch). Bedoeling is om de onderhandelingen zoveel mogelijk bij de werkgroepen te houden. De leden van het Bureau zitten de werkgroepen voor. Maar als een voorzitter van zo’n werkgroep merkt dat er nood is aan meer tijd of aan intensiever overleg, dan begint het circus pas echt. Dan staat een hele trukendoos ter beschikking die op een zachte wijze tot de natuurlijke selectie van het aantal deelnemers leidt.
Contactgroepen en biechtstoelrondesEr bestaan contactgroepen, ‘vrienden van de voorzitter’ groepen, informele groepen en informele-informele groepen, biechtstoelrondes ... Essentie is dat landen met interesse in een thema zonder consensus, bijeen komen in kleinere kamers en intenser kunnen dialogeren en onderhandelen. Maar dan meestal zonder vertaling, en vaak in te kleine kamertjes. Voertaal is dan Engels.
In een ‘contactgroep’ zal de voorzitter van de werkgroep zelf iemand aanduiden als facilitator en is de deelname eigenlijk open. Maar meestal wordt een reeks landen specifiek uitgenodigd om deel te nemen.
In een ‘vriendengroep’ is het iets delicater, want dan duidt de voorzitter van de werkgroep zelf aan wie dient samen te zitten met wie. Vaak is de voorzitter van de werkgroep dan zelf ook voorzitter van z’n vriendengroep. Soms duidt een voorzitter een ‘hele goede vriend’ aan om de gesprekken in de groep te leiden. Deze rollen zijn cruciaal in internationale onderhandelingen. Ze gaan dan ook doorgaans naar personen met duidelijke ervaring en een sterke reputatie.
In de informele groepen gaat het er ongedwongen aan toe en ligt het initiatief aan de zaal of een groepje landen die zichzelf moet organiseren.
Tekstpuriteinen Het onderhandelen gebeurt op basis van teksten die vanuit het Bureau of het secretariaat vertrekken. In een eerste lezing binnen de werkgroep, geven alle landen hun opmerkingen op de tekst. Liefst onder vorm van heel concrete tekstvoorstellen. Het secretariaat noteert, en de tekst kan je volgen op een scherm. Zo gaat de hele ontwerptekst er door. De ontwerptekst voor de ministeriële verklaring die donderdag moet worden aanvaard tijdens het ‘high level segment’, kent in zijn eerste ontwerpversie bijna drie A4’tjes. Na de eerste lezing van deze morgen, is dat acht A4’tjes geworden. Het ontwerp voor de omnibusresolutie kent in de ontwerpversie negen bladzijden. De eerste lezing daarvan is pas deze avond rond half elf afgesloten, en toen was die tekst nog niet eens volledig doorgenomen.
GokDe traagheid van zo’n onderhandelingen, en het feit dat de tijd begint te dringen, heeft de onderhandelaars van de ministeriële verklaring doen besluiten een gok te wagen. Geen afvallingskoers deze keer, maar in een informele vergadering van de werkgroep hebben de onderhandelaars beslist alleen hun prioritaire aandachtspunten weer te geven in een avondzitting en dan het Bureau op te dragen met een nieuwe tekst te komen. Dat is heel ongebruikelijk. Meestal starten de landen in deze fase de afvallingskoers en wordt tot het bittere eind gezamenlijk gewerkt aan de tekst. Luidop denkend citeren de onderhandelaars dan zinnen, of zoeken ze naar alternatieven voor bepaalde woorden. Zelfs een discussie rond hoofdletters in een afkorting, is soms niet te versmaden kost. Bepaalde opties of alternatieven uitdiepen, creatieve zinsconstructies uitproberen, of ook nog bouwen met al ‘onderhandelde tekst’ uit voorgaande vergaderingen of andere processen. En dat kan uren en dagen doorgaan. Maar nu hebben we dus beslist dit spel niet te spelen, en verregaande verantwoordelijkheid te geven aan het Bureau. Bij de omnibusresolutie is beslist alle opmerkingen schriftelijk door te geven. Zonder kans op verdere duiding of toelichting van de auteurs. Dit kan veel tijd winnen, maar slaat de fase van de begripsvorming over. Ook dat is een gok. Maar veel tijd hebben we dus niet meer. Het zal laat worden de volgende dagen, heel laat wellicht…
Delegaties vergaderen tijdens een informal-informal rond het ontwerp van ministeriële verklaring.
Het secretariaat van het VN Bossenforum organiseerde voor het Internationaal Jaar van de Bossen een internationale filmwedstrijd, samen met het Jackson Hole Wildlife Film Festival uit de Verenigde Staten. 165 films uit meer dan dertig landen dongen mee naar de eerste prijs. Zestig juryleden maakten een eerste selectie in de films. Het finale oordeel kwam na overleg door de hoofdjury, bestaande uit Shane Moore (een free-lance filmmaker met meer dan 25 jaar ervaring, onder meer voor BBC en National Geographic), Jan McAlpine (directeur van het secretariaat van het VN Bossenforum) en Christina Mittermeier (voorzitster van het Internationaal Verband van Natuurfotografen). Het filmfestival is deel van het hele programma van het internationaal jaar. Het jaar wil inspireren tot meer persoonlijke verantwoordelijkheid voor een groenere en duurzamer toekomst.
Queen of TreesDeze week krijgen de deelnemers van het Bossenforum de kans de winnende films te zien. De vertoningen lopen tijdens de lunchpauzes of na de formele vergadertijd. Vandaag kregen we de winnaar te zien. Een opmerkelijke documentaire! Bij zowat elke wedstrijd waar de film aan deelnam, ging die met een prijs lopen, wist Lisa Samford me te vertellen. Lisa is directeur van het Jackson Hole Wildlife Film Festival. Toen ik haar en Jan vertelde dat we in Vlaanderen regelmatig filmvertoningen hebben in het bos zelf, na de schemeravond en het vogelzangconcert, vonden ze dat een fantastisch idee! De winnende film heet ‘Queen of Trees’ en de hoofdfiguur is een Afrikaanse ‘sycamore fig tree’, een vijgenboom langs een rivier in Kenya.
Het verhaal van de film toont ons de delicate balans tussen verschillende organismen, van nematodewormen tot olifanten, die in en rond de boom leven. ‘In en rond’ moet je wel letterlijk nemen. Met oneindig geduld hebben de makers gedurende twee jaar alles rond de boom grondig gedocumenteerd en in een verhaal gegoten met de bloei- en vruchtcyclus van de vijgenboom als leidraad. Je kijkt mee wat in de vruchten gebeurt, van zodra een vijgenwesp naar binnen sluipt. We zien ook een nest van neushoornvogels, waar leven en dood heel dicht bijeen ligt. Survival of the fittest, heel knap geïllustreerd. Co-evolutie tussen twee heel uiteenlopende levensvormen als voorbeeld van de complexe relaties tussen levende organismen op aarde. Honderden andere organismen lijken afgestemd op wat de vijgenwesp en de vijgenboom met elkaar hebben.
Wat bijzonder is aan de internationale filmwedstrijd, is dat je alle films wereldwijd kunt bestellen voor allerhande activiteiten. Enige voorwaarde is dat je de films gratis moet vertonen voor het publiek, en dat je tegelijk informatie moet geven over het Internationaal Jaar, de Verenigde Naties en het Internationaal Filmfestival. Een gedetailleerde gids is beschikbaar op http://www.un.org/esa/forests/pdf/forestfilm-final.pdf. Het organiseren van zo’n vertoning moet aangevraagd bij het secretariaat van het Jackson Hole Wildlife Film Festival via Leslie Goodyear (leslie@jhfestival.org) . Meer informatie is te vinden op www.forestfilmfestival.org of natuurlijk via www.un.org/esa/forests .
En ondertussen op het BossenforumEn het Bossenforum zelf hoor ik jullie vragen? Tijdens het weekend waren de twee basisdocumenten klaar die de resultaten van de vergadering moeten dragen. Het gaat om een eerder politiek georiënteerde ontwerpverklaring voor het ministerieel segment. En daarnaast komt er een ‘omnibusresolutie’ waarin de besluiten van het forum komen te staan rond het centrale thema en een reeks operationele beslissingen. Vanaf 15u zouden vandaag de eerste onderhandelingen starten over deze ontwerpteksten. En ‘eerste onderhandelingen’ betekent in deze fase dat alle landen en groepen hun opmerkingen voorlezen en inbrengen. Volgende fase is dan het opschonen van de tekst. Voor beide teksten heeft het forum niet de geplande eerste lezing kunnen afwerken. De omnibus-resolutie is ongeveer halfweg. De eerste lezing van de ontwerpverklaring is voor halfweg gestopt, omdat de groep van ontwikkelingslanden nog geen gedetailleerd standpunt kon uitwerken. De groep kreeg alleen nog deze avond om zich verder voor te bereiden. Alweer vertraging dus, en dat terwijl de start van het ministerieel gedeelte op woensdag nu snel dichterbij komt. En ondertussen blijken de afzeggingen voor het ministerieel gedeelte binnen te lopen. New York verwacht morgenavond immers alweer een sneeuw- en ijsstorm.
Secretaris-generaal Kofi Anan huldigde dit beeld in op 18 november 1998. Het bronzen beeld is een werk van Mihail en is getiteld ‘Cast the sleeping elephant’. Het staat in het park ten noorden van het VN gebouw. Mihail reisde naar Afrika en nam een afdruk van een echte olifant. Tijdens het maken van de afdruk, is de olifant nooit in gevaar geweest, staat op het bordje! Het beeld is een geschenk van Kenya, Namibië en Nepal aan de Verenigde Naties. Het is een symbool voor al het wilde leven op aarde.
Na de verloren dag, schakelde het VN Bossenforum in een hogere versnelling om de opgelopen achterstand in te halen. Een militant land uit het zuiden trok ten aanval tegen het klassieke inzicht dat de marktwerking de kosten van duurzaam bosbeheer moet dekken. Tegenover die ‘commercieel imperialistische’ aanpak stelden zij een solidaire aanpak. De reële vergoedingen haal je daarbij niet uit de marktkrachten. Een regulator legt de echte kosten vast die nodig zijn om natuur en bos ‘in een gunstige staat’ te houden. Die regulator stelt ook een financieel verdelingsmechanisme in. Vooral landen met de grootste ecologische voetafdruk moeten hierbij betalen. Het land trok van leer tegen de opkomende vraag om diensten - die ecosystemen zoals bossen leveren - uit te drukken in economische termen die dan in de economische staatsboekhouding meegerekend worden. Het gaat vooral over de niet vermarktbare diensten zoals zuiveren van de lucht, beschermen van de bodem of het verfraaien van het landschap. Het land dat hier hevig tegen reageerde, stelde dat die heel fundamentele diensten inderdaad een waarde vertegenwoordigen, maar dat je deze waarde niet mag vermarkten. Gebeurt dit wel, dan zijn alle inheemse bevolkingsgroepen ten dode opgeschreven! Een sombere voorspelling, maar de meesten zien het ecosysteemdienst niet zo pessimistisch in.
Doel Maar ik wou iets vertellen over doelen. Tijdens de eerste evaluatie van het VN Bossenforum kwam naar voor dat de hele agenda scherpte miste. Het basismateriaal, namelijk de IPF/IFF-actievoorstellen (zie blog van maandag 24 januari) is te omvangrijk en niet praktisch werkbaar om dynamiek te genereren. Daarom zocht men technieken die meer focus brachten. Doelen stellen is één zo’n techniek. Dit gebeurt op internationaal niveau heel regelmatig. Maar deze doelen zijn doorgaans het resultaat van lang aanslepende onderhandelingen, en voldoen zelden aan alle eigenschappen die duidelijke doelen nodig hebben: scherpe formulering, haalbaar, meetbaar, in tijd gesitueerd, pragmatisch...
In het Klimaatverdrag en het Verdrag rond Biodiversiteit kan je goede doelstellingen vinden. Het Kyotoprotocol bij het Klimaatverdrag verplicht de industrielanden de uitstoot van broeikasgassen in de periode tussen 2008 en 2012 met minstens met 5% te verminderen ten opzichte van 1990. Het Biodiversiteitsverdrag van 2002 had als doelstelling om tegen 2010 het tempo van het verlies aan biodiversiteit drastisch te verminderen. De biodiversiteitstop in Nagoya stelde vorig jaar vast dat de doelstelling niet was gehaald. Het tempo van het verlies aan biodiversiteit vertragen, is een gigantische opdracht. Dat verlies heeft verschillende oorzaken: de klimaatverandering, de vervuiling van water en bodem, ondoordacht landgebruik, versnippering van natuur...
Of objectief? Op het vijfde Bossenforum in 2005 kreeg het principe van ‘doelen’ veel bijval. Enkel Brazilië vond mondiale doelen onbespreekbaar. Brazilië was wel gewonnen voor ‘strategische objectieven’ die, samen met voldoende middelen, de landen in staat zouden stellen om duurzaam bosbeheer te bevorderen op nationaal vlak. Het woord ‘doel’ deed de Brazilianen teveel denken aan nationaal bindende afspraken, en dat is een no-go zone voor de Brazilianen. Voor veel landen is het beheer van natuurlijke rijkdommen, zoals bossen, een nationaal recht. Dat staat verankerd in de UNCED-resultaten uit 1992. Het internationale niveau moet zich niet al te sterk mengen in iets dat een uitgesproken nationale en autonome bevoegdheid is.
‘What’s in a name’ dichtte Shakespeare al terecht! Doelen of objectieven, whatever? UNFF6 (2006) kon vier ‘doelen’ identificeren (in het Engels weliswaar ‘objectives’), maar nog niet afronden in een gezamenlijk akkoord. Dat gebeurde pas in 2007 tijdens UNFF7. Die doelen werden dan ook overgenomen in het Bosseninstrument.
Globaal Objectief 1 Het verlies aan bossen wereldwijd omkeren door middel van duurzaam bosbeheer, bosbescherming, bosherstel, bebossing en herbebossing en het verhogen van de inspanningen tegen bosdegradatie.
Globaal Objectief 2 Versterken van op bos gebaseerde economische, sociale en milieu voordelen, inclusief door het verbeteren van de levensomstandigheden van bevolkingsgroepen die van bossen afhankelijk zijn.
Globaal Objectief 3Wereldwijd het areaal aan beschermde bossen en het areaal aan duurzaam beheerde bossen doen toenemen en het aandeel van bosproducten afkomstig uit duurzaam beheerde bossen verhogen.
Globaal Objectief 4 De teruggang in officiële ontwikkelingssamenwerking rond bossen omkeren en het betekenisvol mobiliseren van nieuwe en additionele financiën uit alle mogelijke bronnen voor het uitvoeren van duurzaam bosbeheer.
Het is een van de agendapunten voor het VN Bossenforum om zich ‘tussentijds’ te buigen over de stand van zaken van deze doelen. En één van de conclusies is alvast dat er eigenlijk onvoldoende gegevens bestaan om hier een eerlijke uitspraak over te doen. Het is uitkijken naar een nieuw FAO-rapport dat begin volgend week wordt voorgesteld op basis van een wereldwijde rondvraag.
De vier 'Global Objectives on Forests'
Besneeuwde straten van New York en het VN-gebouw op de achtergrond.
Weerverlet vandaag. Of beter, sneeuwverlet. Een sneeuwstorm trok voorbij tijdens de nacht. En de gebouwen van de Verenigde Naties blijven dicht vandaag. Het hing al een tijdje in de lucht. Maar uiteindelijk is het er toch uitgevallen. En veel. Zo’n 30 tot 40 cm in Manhatten, wat verderop voorbij de Hudson in New Jersey naar verluidt zelfs tot een halve meter in één nacht. Gevolg: verkeer ernstig verstoord en plaatselijk onmogelijk. Geen openbaar vervoer bovengronds. De metrolijnen naar de betaalbare woonwijken die soms bovengronds lopen, ook ernstig gestoord in de dienstregeling. En toch was het deze morgen toch weer verwonderd kijken hoe het grommende monster ‘de stad’ zichzelf organiseert. De portiers en conciërges hebben een drukke nacht gehad of waren al vroeg in de weer. Nu weet ik dus wat die portiers bij nagenoeg alle grotere gebouwen te doen hebben. Sneeuwruimen! Ook de scholen waren dicht vandaag. Maar geen sneeuwverlet voor de EU-collega’s. De EU vergaderde flink door, tot een stuk in de namiddag. We diepten de algemene standpunten uit ten opzichte van de posities van de andere groepen en landen. Ook over de interne werking van de leidende delegatie van de Europese Unie, diende een en ander grondig bijgesteld. De EU is een veelkoppig monster. Maar bereden en geleid door een ervaren hand, is het een krachtige machine. Andere delegaties kijken naar ons en stemmen hun posities op de onze af. Maar staan niet alle 27 neuzen in dezelfde richting dan kan het ergste gebeuren. Dan gaan ofwel de 27 lidstaten openlijk hun eigen gang, of de EU zwijgt en ziet de onderhandelingstrein voorbij denderen. Niet dat we in deze dramatische toestand zaten, maar er waren signalen van ‘disfunctie’ te merken in de leidende EU-delegatie en die moesten worden weggewerkt. En dat vraagt wat tijd, en opnieuw veel praten. Onze eigen marathon, weet je nog? En ploeterend in de sneeuw, duurt die twee keer zo lang. Ik hoop dat de weergoden het VN Bossenforum morgen gunstiger gezind zijn. Een verloren dag net voor het weekend kan een reeds eivol programma helemaal in de war sturen. In de planning was voorzien dat we morgen de eerste versie zouden krijgen van mogelijke eindbeslissingen voor de negende sessie van het Bossenforum. De landengroepen konden dan in het weekend de teksten herslijpen naar de eigen inzichten. Als de teksten pas zaterdagochtend beschikbaar zijn, dan gaat het hele weekend op in nalezen en coördineren met de EU-collega’s.
Hier een beeld van een deel van de Belgische delegatie, met links Christine Farçy van de Universiteit van Louvain la Neuve als vertegenwoordiger van het Waals gewest. Rechts de auteur van de UNFF9 blog voor Vlaanderen, Carl De Schepper van het Agentschap voor Natuur en Bos.
Vandaag kwamen de maatschappelijke groepen aan het woord. Deze 'major groups' zijn geïdentificeerd in Agenda 21, maar dat weten jullie al ondertussen (zie blog van maandag 24 januari). De dialoog tussen en met de stakeholders was ruim tien jaar geleden een belangrijke innovatie in de Verenigde Naties. Ondertussen is deelname van deze maatschappelijke groepen goed ingeburgerd. Alleen de manier van aanpak, daar is het nog zoeken naar een goed werkbare formule.
Het Bossenforum pakte het deze keer innoverend aan. Voor het eerst hebben de maatschappelijke groepen samen de vergadering van het Bossenforum voorbereid. Zij doorliepen hiervoor een parcours, opgestart na de Klimaattop in Kopenhagen in 2009. Zij rondden het traject af op een kleine conferentie in Accra (Ghana) in juli 2010. De bedoeling was om één gestroomlijnde bijdrage aan het Bossenforum voor te leggen. Op voorgaande sessies van het VN Bossenforum stonden de maatschappelijke groepen nog naast elkaar, elk met hun eigen standpunten. Dat resulteerde telkens in negen afzonderlijke documenten en negen afzonderlijke presentaties. En tijdens de ‘interactieve discussie’ leidde dit vaak tot meer discussies tussen de vertegenwoordigers van de maatschappelijke groepen dan tot echte interactie met de officiële delegaties. Die officiële delegaties zaten dan letterlijk en figuurlijk in een zetel. Geen makkelijker excuus om niet tot een besluit te hoeven komen dan deelnemers die onderling blijven kibbelen. Deze keer dus niet. De maatschappelijke groepen kwamen met uitgeklaarde en afgewogen standpunten naar het forum. Bovendien waren de presentaties behoorlijk provocerend en gaven aanleiding tot stevige interactie met de zaal. Tot nu toe woonde ik alle vergaderingen van het Bossenforum mee, en dit heb ik zelden gezien. Vandaag zag ik veruit de beste multi-stakeholder dialoog ooit op een VN Bossenforum.
Landgebruiksrechten Wat waren die standpunten dan, hoor ik jullie vragen? Wel – en ik tipte het eerder al – het thema van landgebruiksrechten kwam unisono als top naar voren. Als het bosbeleid mee de algemene ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties wil realiseren - met als topprioriteit de strijd tegen armoede - dan moeten natuurlijke hulpbronnen toegankelijker worden. Zeker voor die bevolkingsgroepen die in, rond en met die hulpbronnen leven en er in grote mate afhankelijk van zijn. Op korte en lange termijn moeten deze rechten duidelijk afgebakend zijn.
REDD het woud Ook voor de nieuwe mechanismen opgericht tijdens de voorbije klimaattop in Cancun, is dit een belangrijke klip om nemen. In december sprak de klimaattop in Cancun af om een REDD+ mechanisme te ontwikkelen binnen bepaalde voorwaarden. REDD+ staat voor de hoeveel koolstof die niet wordt uitgestoten door ontbossing of bosdegradatie te vermijden. REDD+ staat voor een Engelstalige afkorting ‘Reduced Emissions from avoided Deforestation and forest Degradation’. De echte technische term is nog twee lijnen langer, maar dit is de kern van het concept. Dit idee werd een aantal jaren geleden op de agenda geplaatst door onder meer Papoea Nieuw Guinea. Ongeveer 20% van de uitstoot van broeikasgassen zou te wijten zijn aan ontbossing wereldwijd. Die ontbossing tegengaan, draagt bij tot de strijd tegen klimaatverandering en hoort thuis in de strijd tegen uitstoot van broeikasgassen. Maar die ontbossing en bosdegradatie hangt ook samen met ongecontroleerd landgebruik. Het zal dus een grote uitdaging zijn om dat landgebruik te kanaliseren, duidelijke land evaluatieplannen op te stellen en het landgebruik af te stemmen op de draag- en herstelkracht van de natuur. Maar willen we ook voldoen aan de ontwikkelingsnoden van de lokale bevolking - die in grote mate afhangt van die natuurlijke hulpbronnen - dan moet de economische gebruiksruimte van de ecosystemen door deze mensen in rekening worden gebracht.
Rights, Equity, Democracy and Development? Tegelijk kijkt het Bossenforum naar wat een werkbaar REDD+ mechanisme zou kunnen opbrengen. De idee is eenvoudig : je vermijdt ontbossing, waardoor je koolstofuitstoot vermijdt. Dit zet je om in kredieten of koolstofwaardebons. Maar wie heeft recht op die opbrengsten? En wie investeert daarin zonder te weten wie allemaal bijdraagt aan de ontbossing en bosdegradatie? Zal wat vermeden moest worden, ook effectief gerealiseerd worden zonder dat er lekken zitten in het systeem? Vooral vertegenwoordigers van inheemse bevolkingsgroepen vrezen dat bepaalde gebruiksrechten of levensnoodzakelijk gebruik van bomen en bossen, onmogelijk wordt, omdat ‘hogerhand’ besloot dat een bepaald gebruik al te sterk bijdraagt tot bosdegradatie. Daarom gaf de vertegenwoordiger van de Nepalese organisatie tijdens de multistakeholder dialoog een beklijvend betoog. Tegenover het REDD+ mechanisme, plaatste hij een nieuwe invulling van het REDD principe: Rights, Equity, Democracy and Development. De multistakeholder dialoog heeft tot denken aangezet. Mission completed!
Enkele belangrijke thema's voor het werk van het Bossenforum gepresenteerd op banners die de vergaderzalen wat kleur geven.
Het VN Bossenforum sneed vandaag het centrale thema aan: sociaal-culturele aspecten van duurzaam bosbeheer. Dit gebeurde op klassieke wijze zoals dat wel vaker gaat in VN vergaderingen. Eerst stelt het secretariaat de achterliggende rapporten voor. Daarop legt het forum de prioriteiten vast waarover ze zullen debatteren. Dan volgen enkele toelichtingen en tenslotte start de eerste algemene discussie. En daar verwacht je dan dat de vertoning echt begint. Interactie, scherpe standpunten, verfrissende inzichten… Maar vandaag weinig van dit alles. Eerder een makke bedoening, bij wijlen behoorlijk saai door gebrek aan creativiteit en spontaniteit. Misschien ligt het aan de breedte van het thema? Of is het eerder te zoeken bij het karakter en de opzet van dit soort vergaderingen. Hoe krijg je met bijna 200 landen en zo’n 300 deelnemers in één ruimte het vuur aan de lont? De Europese Unie is hierin niet de beste leerling van de groep. We hebben met de 27 lidstaten en de Europese Commissie doorgaans zelf al een marathon gelopen voor we aan de start komen van de echte marathon. Elk woord is gewogen, elke gedachte driemaal ondersteboven gehaald voor een vermoeide collega het voorleest, vaak zonder fut en animo in de voordracht. Dit komt de hele ambiance op zo’n vergadering niet ten goede. Maar impact heeft het wel. De EU treedt op als ijsbreker. Andere geïndustrialiseerde landen ijken zich op het standpunt van de Unie. Vergadermechaniek Ook de mechaniek achter zo’n vergadering ligt blijkbaar vast in onbepaalde regels of (te?) lang uitstaande gewoonten. Eerst krijgen de groepen het woord. De VN werkt klassiek met regionale groepen, pas recenter ook met thematische groepen. De G77 is de groep van de ontwikkelingslanden. Afrika treedt meer en meer op als aparte groep. ASEAN is een economisch samenwerkingsverband in Azië. Per groep neemt één land de interne coördinatie op zich en treedt op als woordvoerder. Voor de EU is dat het land dat voorzitter is van de Raad, maar recent is dat steeds meer de nieuwe professionele dienst voor externe relaties. Thematische groepen zijn er in overvloed: de minste ontwikkelde landen, de kleine eiland- en ontwikkelingslanden, landen met beperkte bosoppervlakte, zeer biodiverse landen, landen met een economie in omschakeling…. Na de groepen komen de individuele landen. Dan de internationale instellingen en als laatste met de minste tijd, maar vaak de interessantste en opmerkelijkste bijdragen, de maatschappelijk groepen zoals NGO’s, wetenschap en industrie. De EU werkt tot op het eind als groep. EU-lidstaten nemen zelden afzonderlijk het woord. Maar als het gebeurt, is dat doorgaans om bepaald elementen uit het EU-standpunt verder te duiden of om punten van louter nationaal belang te illustreren. Maar de boodschap mag nooit openlijk tegen het standpunt van de groep ingaan. Andere groepen nemen het niet zo nauw met deze zelfdiscipline. Dit alles resulteert in een soort van ‘automatische piloot modus’ waarbij iedereen in de eerste discussieronde enkel focust op de eigen positie, en er dus zelden een discussie plaatsvindt. Interactie is pas voor de onderhandelingsfase, eens de hele vergadering zich samen buigt over de gezamenlijke engagementen. Die fase is pas voor volgende week gepland. Maar al bij al viel het best wel mee. Er waren misschien geen spetterende betogen of het was niet likkebaardend luisteren naar argumenten uit ver van elkaar liggende standpunten. Het VN Bossenforum was heel eensgezind, wat niet zo vaak voorkomt. Bosbouw gaat over mensen Het is hoog tijd om in het debat rond bossen de focus terug op de mens te leggen. Ik herinner mij een citaat van een Angelsaksisch onderzoeker in de bosbouw: ‘Forestry is not about trees, it is about men’. Geheel terecht. De laatste jaren trokken biodiversiteit en koolstof de meeste aandacht. Begrijp me niet verkeerd, dit zijn cruciale thema’s. Maar de menselijke dimensie leert ons dat beleid moet aansluiten bij het publiek. Dat publiek heeft zelf de sleutels in handen om de milieuproblemen op te lossen. Mensen gaan zich pas bewust opstellen als ze de waarde en het nut van wat van hen gevraagd wordt, zelf hoog naar waarde schatten. Dit brengt ons bij beleidsmodellen zoals participatie, medebeheer, decentralisatie van bestuur, verantwoord beheer. Mechanismen moeten gemeenschappen betrekken bij besluitvorming rond bossen. Eigendomsrechten moeten uitgeklaard worden en betrokken actoren moeten ook op langere termijn uitzicht hebben op de eerlijke verdeling van de opbrengsten van verantwoordelijk beheer voor ze zelf garant kunnen staan voor duurzaam beheer. Dit lijkt allemaal heel evident, maar in vele landen is dit niet vanzelfsprekend. Ook in Vlaanderen hebben we zo onze thema’s waar overheidsoptreden botst met belangen van de betrokken maatschappelijke groepen. Groene muur Praten helpt, zegt een bank in haar advertentie. En dat is zeker zo. Maar er zijn geen algemene recepten om de complexe problemen uit onze complexe maatschappij aan te pakken. Maar we kunnen wel van elkaar leren als we een open geest tonen en verder kijken dan onze neus lang is. En misschien ook opnieuw begeestering en jeugdig enthousiasme tonen. Zoals de ontwapenende presentatie van Afrikaanse collega’s. Zij stelden hun project zelf voor als ‘un projet fou: la grande muraille verte’. Een groene muur van 15 km breed en 7.000 km lang. Een transnationale uitdaging voor verschillende landen, steden en lokale gemeenschappen van Dakar tot Djibouti. ‘Maar haalbaar, omdat de mensen er zelf in geloven’, zei Matar Cissé uit Senegal vooraleer hij de sneeuwzwangere avond van New York indook...
Ontwikkelingen tijdens de vergadering worden op de voet gevolgd door de EU via assessment groups, die snel opgetrommeld worden via sms. Hier de Hongaarse collega aan het werk. Zij hebben nu de eer om de EU tot standpunten en posities te leiden. Dit op basis van het voorbereidend werk van het Belgische voorzitterschap.
De 9e vergadering van het VN Bossenforum startte, na de klassieke openingstoespraken, meteen met een belangrijke discussie: de relatie tussen voeding, energie en kansen voor lokale ontwikkeling, vanuit het standpunt van vrouwen en jongeren. Volgens statistieken van de Food and Agricultural Organisation dient meer dan de helft van alle gekapte hout ter wereld als brandhout. Wereldwijd zijn miljoenen vrouwen en kinderen dagelijks op zoek naar brandhout voor voeding en verwarming. Deze kostbare tijd is niet bruikbaar voor andere taken die sterker bijdragen aan de ontwikkeling. Voor water geldt hetzelfde, maar voor water is de internationale gemeenschap blijkbaar sneller bezorgd en organiseren ze sneller internationale acties. De paneldiscussie leverde suggesties op uit verschillende delen van de wereld. Een belangrijke constante was de noodzaak om de lokale bevolking zelf verantwoordelijkheid te geven bij het beheer van de bronnen van brandhout zoals plaatselijke bossen en aanplantingen. Coöperaties die de plattelandseconomie steunen kunnen beslissingsrecht krijgen over de productie en verdeling van brandhout en houtskool. Ook de onduidelijkheid rond het eigendomsrecht van bomen en bossen, is in veel streken een rem op verdere lokale economische ontwikkeling. Ik vermoed dat we in deze sessie nog vaak zullen terugkomen op het uitklaren van landgebruiksrechten. De Onder Secretaris Generaal van de VN, de heer Sha Zukang, was aanwezig tijdens de opening. Hij gaf een schets van de inzet van de vergadering. Hij is ook de uitvoerend secretaris-generaal voor een volgende belangrijke VN Conferentie: de Rio+20 Conferentie. En dat vraagt om meerdere redenen wat aandacht. Twintig jaar na RioRio+20 herdenkt de 20ste verjaardag van de grote VN Conferentie rond Milieu en Ontwikkeling (UNCED) in Rio de Janeiro in 1992. Deze conferentie zette het idee van duurzame ontwikkeling op de hoogste politieke agenda. Duurzame ontwikkeling streeft naar een maatschappelijke groei zonder de kansen van de toekomstige generaties op verdere ontwikkeling in gevaar te brengen. Die conferentie leverde heel belangrijke resultaten op zoals een leidraad die model staat voor duurzame ontwikkeling. Die leidraad staat bekend als Agenda 21, een dik boek met 40 hoofdstukken, opgedeeld in 4 delen. Het eerste deel behandelt de sociaal-economische dimensie zoals strijd tegen armoede, bevolkingsevolutie en consumptiepatronen.
Het tweede deel gaat over het beheer en behoud van hulpbronnen voor ontwikkeling. Hier vind je hoofdstuk 11 namelijk ‘strijd tegen ontbossing’. Maar ook biodiversiteit komt aan bod naast tal van andere thema’s zoals water, lucht en atmosfeer, landbouw, landgebruik, afval...
Deel drie gaat over het versterken van de rol van ‘maatschappelijke groepen’ in de maatschappelijke en politieke besluitvorming rond duurzame ontwikkeling. Sindsdien spreekt nagenoeg elke VN vergadering over ‘stakeholders’ en volgens Agenda 21 zijn dat er negen : • vrouwen • kinderen en jongeren • inheemse bevolkingsgroepen en hun gemeenschappen • niet-gouvernementele organisaties • lokale overheden • werknemers en vakbonden • zakenwereld en industrie • wetenschappelijke en technologische gemeenschap • landbouwers. Deel vier van Agenda 21 behandelt de ‘means of implementation’. Dit zijn de noodzakelijke middelen om duurzame ontwikkeling te kunnen realiseren. Agenda 21 legde er acht vast: • financiële middelen en mechanismen • overdracht van milieuvriendelijke technologie en samenwerking voor capaciteitsopbouw • wetenschap voor duurzame ontwikkeling • bevorderen van educatie en publieke bewustwording en opleiding • nationale mechanismen en internationale samenwerking • internationale institutionele regeling • internationale wettelijke instrumenten en mechanismen • informatie voor besluitvorming. Bossenverdrag en financieringsvraagstukAgenda 21 was baanbrekend en goot een complexe uitdaging in een overzichtelijk schema. Sindsdien is er één en ander bijgesteld. Maar vele andere internationale processen zijn terug te brengen tot het naleven van deze Agenda. Ook tijdens deze vergadering van het VN Bossenforum staat het thema van ‘means of implementation’ op de agenda. Jammer genoeg beperkt tot het financieringsvraagstuk. Ook de multistakeholder dialoog van woensdag, is terug te brengen tot de idee om de maatschappelijk belangrijke groepen bij de besluitvorming te betrekken. En dat is niet evident voor de VN in New York waar verschillende landen soms uiteenlopende invullingen geven aan belangrijke principes zoals transparantie en participatie. De Conferentie in Rio gaf ook het startschot voor het klimaatverdrag, het verdrag voor biodiversiteit en het verdrag rond het bestrijden van woestijnvorming. Wat er niet kwam, was een Bossenverdrag, maar dat weten jullie al. De mogelijke krachtlijnen van een dergelijk verdrag werden gedurende talloze uren van intense onderhandelingen omgezet in een Bossenverklaring, of ook wel de ‘Bossen Principes’ genoemd. Binnen de VN bestaat een aparte commissie die de uitvoering van Agenda 21 opvolgt. Deze Commissie voor Duurzame Ontwikkeling bekeek ook hoofdstuk 11 ‘strijd tegen ontbossing’ en kwam toen tot de vaststelling dat er veel meer internationale aandacht nodig was voor deze problematiek. Ze gaf het startschot voor een apart internationaal proces dat, naast de Agenda 21 en de Bossenverklaring, een uitgebreide set aan 270 bijkomende actievoorstellen opleverde. Deze staan bekend als de IPF/IFF-actievoorstellen en vormen de uiteindelijke werkbasis voor het VN Bossenforum. Nieuwe middelen versus goed bestuur
Nog steeds leeft de idee dat een internationaal bindend instrument rond bossen noodzakelijk is. Daarom zochten enkele landen, waaronder de Europese Unie, of er internationale bereidheid was om onderhandelingen hierover op te zetten. De ontwikkelingslanden wezen dit voorstel steeds af door te wijzen op het schrijnend gebrek aan ‘means of implementation’, in het bijzonder ‘voldoende nieuwe financiële middelen’. ‘New and additional financial resources’ is een begrip dat opduikt in vele internationale onderhandelingen in de VN. Sindsdien is de vraag vanuit de ontwikkelingslanden nog aangedikt, met bijkomende adjectieven zoals ‘timely’, ‘predictable’ en ‘sustainable’, waarmee deze groep van landen aangeeft dat de ontwikkelde landen op een tijdige, voorspelbare en duurzame wijze bijkomende middelen moeten ter beschikking stellen om duurzame ontwikkeling te kunnen realiseren. Dit werd maandag tijdens de openingstoespraak door Argentinië als vertegenwoordigers van de groep van ontwikkelingslanden (G77) nog eens heel duidelijk gesteld. Voor duurzaam bosbeheer moet minstens het dubbele van de beschikbare middelen worden vrijgemaakt. De rijke en geïndustrialiseerde landen stellen daartegenover de eis om bestaande middelen efficiënt in te zetten en goed bestuur. Deze ‘stellingenoorlog’ woedt in vele internationale processen, dus ook in het bossenproces. Dit lijkt allemaal af te stevenen op een mega-deal zoals: “akkoord voor een Bossenconventie, in ruil voor een apart Bossenfonds dat de vraag naar nieuwe middelen moet kunnen realiseren”. Bossenforum op naar Rio+20
Na deze lange uitwijding, terug naar Rio+20. Wel, dan zal de VN opnieuw het concept duurzame ontwikkeling en de realisaties sinds 1992 tegen het licht houden. Tegelijk gaat de internationale gemeenschap na waar de belangrijkste hiaten liggen en benoemt ze nieuwe uitdagingen. De voorbereidingen zijn goed. Er zijn twee belangrijke thema’s: • een groene economie in de context van strijd tegen armoede en het bevorderen van duurzame ontwikkeling • het institutioneel kader voor duurzame ontwikkeling. Omdat het bossenproces duidelijk afstamt van de Commissie voor Duurzame Ontwikkeling, en omdat natuur en bos een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan het vergroenen van de economie, is dit Bossenforum een uitgelezen kans om vanuit het bos insteek te geven aan de voorbereiding van deze nieuwe VN-conferentie. En dat is een volgende grote uitdaging voor het Bossenforum. Het zal me benieuwen hoe het forum erin zal lukken dit rond te krijgen. Het forum heeft de naam moeizaam te onderhandelen, wat vaak resulteert in urenlange discussie en onderhandelingen. M’n triest record staat zo op zevenentwintig en een half uur ononderbroken doorgaan. Dat was in 2001, Bossenforum 1. Toen zaten we samen met Zweden in de toenmalige EU-troïka waardoor wij samen met Zweden en de Europese Commissie de laatste vertegenwoordigers waren vanuit de Europese Unie om in een klein kamertje de laatste hand te leggen aan het eerste meerjarenwerkplan van het Bossenforum of United Nations Forum on Forests (UNFF). Remember, Ulf en Stefan, we swore we would never forget this! And now, where are thow, I still here alone…. Het forum zal een ministeriële verklaring voorbereiden om die insteek vorm te geven. Dit ontwerp gaat dan naar het ‘high level segment’ van het Bossenforum, volgende week donderdag. Dus naast het officieel openen van het Internationaal Jaar van het Bos, zullen de ministers en andere hoge vertegenwoordigers nog belangrijke taken te vervullen krijgen in het barkoude New York. Het was vandaag 6° F, dus omgerekend ongeveer -14° C. Maar daar was binnen niets van te merken….
Zondag 23 januari 2011 - Voorbeschouwing en situatieschets
Het Internationaal jaar krijgt zijn formeel startschot op woensdag 2 februari 2011 in de hoofdzetel van de VN te New York. Alle ministers verantwoordelijk voor bossen over de hele wereld worden er verwacht voor een plechtige openingsceremonie. Deze ceremonie is meteen de start van het ‘high level segment’ van de negende vergadering van het Bossenforum van de Verenigde Naties.
Het was het Bossenforum dat aan de Algemene Vergadering van de VN voorstelde om een Internationaal Jaar van de Bossen te houden. Bossen staan wereldwijd onder druk, ook al leveren ze tal van diensten die onmisbaar zijn voor de maatschappij. Bossen zijn de grootste schatkamer van leven op het land. Ze zuiveren de lucht, beschermen de bodem en regelen de watercyclus. Voor vele mensen op aarde biedt bos de belangrijkste bron van voedsel en materialen. Bossen bieden ook prachtige momenten voor verwondering, studie en verpozing. Maar bossen worden niet altijd op hun waarde geschat, net zoals vele andere ecosystemen.
Het VN Bossenforum wil daar wereldwijd aan werken door een forum te bieden voor beleidsmensen, wetenschappers, technici, vertegenwoordigers van inheemse bevolkingsgroepen, federaties van de handel en industrie, en verschillende internationale instellingen. Het Bossenforum is een formele VN-Commissie met universeel lidmaatschap voor alle VN-lidstaten opgericht in 2000 als forum voor overleg en samenwerking tussen de lidstaten onder de Economische en Sociale Raad (ECOSOC) van de VN. De voornaamste doelen van het Bossenforum zijn :
Het Bossenforum heeft nu een werkprogramma tot 2015. Een belangrijk discussiepunt is of het forum kan komen tot een heus bossenverdrag. In 1992 bleek dit onhaalbaar tijdens de VN Top rond milieu en ontwikkeling in Rio De Janeiro. Sindsdien bestaat bij een hardnekkige groep van believers de overtuiging dat een bossenverdrag nodig is om het tij te doen keren. De wereld verliest nog steeds immense hoeveelheden bos per jaar. Volgens de laatste cijfers van de Voedsel- en Landbouworganisatie van de VN gingen de laatste 10 jaar gemiddeld 13 miljoen ha bos per jaar verloren! Tussen 1990 en 2000 bedroeg dit cijfer nog 16 miljoen ha per jaar. De wereld ontbost dus minder, maar ontbossing gaat nog steeds door aan een hels tempo. Het Bossenforum heeft zijn planning opgehangen aan de drie pijlers van duurzame ontwikkeling die ook de omschrijving van duurzaam bosbeheer kenmerken.
Het Bossenforum interageert ook met andere internationale processen die rond bossen werken. Hier ligt een belangrijke missie voor het forum. Verschillende internationale processen hebben bossen op de agenda staan. Maar vaak gaat de aandacht uit naar een beperkt aantal functies, of wordt één specifieke invalshoek genomen zoals de rol van bossen in de hele koolstofcyclus bij de klimaatonderhandelingen.
Het biodiversiteitsverdrag heeft een uitgebreid werkprogramma rond acties om (bos)ecosystemen met al hun verscheidenheid aan levensvormen te behouden, te beschermen en goed te beheren. Het verdrag rond strijd tegen woestijnvorming bekijkt bossen vanuit hun vermogen om bodem vast te houden en hun buffervermogen tegen woestijnvorming. Maar het is alleen het VN-bossenforum dat alle dimensies van duurzaam beheer in een afgewogen benadering bekijkt.
Tijdens het 14-daagse Bossenforum, zal ik als verslaggever van het Agentschap voor Natuur en Bos zoveel mogelijk informatie en achtergronden weergeven op deze blog.
Carl De Schepper