Dit zijn de natuurlijke habitats van Bijlage I van de Habitatrichtlijn waarvoor de aanwijzing van speciale beschermingszones vereist is.
1133 Estuaria 1140 Bij eb droogvallende slikwadden en zandplaten 1310 Eénjarige pioniervegetaties van slik- en zandgebieden met Salicornia-soorten en andere zoutminnende planten 1320 Schorren met slijkgrasvegetatie (Spatinion maritimae) 1330 Atlantische schorren (Glauco-Puccinellietalia maritimae) 2110 Embryonale wandelende duinen 2120 Wandelende duinen op de strandwal met Ammophila arenaria (witte duinen) 2130 * Vastgelegde duinen met kruidvegetatie (grijze duinen) 2150 * Eu-atlantische vastgelegde ontkalkte duinen (Calluno-Ulicetea) 2160 Duinen met Hyppophae rhamnoides 2170 Duinen met Salix repens ssp. Argentea (Salicion arenariae) 2180 Beboste duinen van het Atlantische, Continentale and Boreale kustgebied 2190 Vochtige duinvalleien 2310 Psammofiele heide met Calluna- en Genista-soorten 2330 Open grasland met Corynephorus- en Agrostis-soorten op landduinen 3110 Mineraalarme oligotrofe wateren van de Atlantische zandvlakten (Littorelletalia uniflora) 3130 Oligotrofe tot mesotrofe stilstaande wateren met vegetatie behorend tot het Littorelletea uniflora en/of Isoëto-Nanojuncetea 3140 Kalkhoudende oligo-mesptrofe wateren met benthische Chara spp. Vegetaties 3150 Van nature eutrofe meren met vegetatie van het type Magnopotamion of Hydrocharition 3260 Submontane en laagland rivieren met vegetaties behorend tot het Ranunculion fluitans en het Callitricho-Batrachion 4010 Noord-Atlantische vochtige heide met Erica tetralix 4030 Droge Europese heide 5130 Juniperus communis-formaties in heidevelden of op kalkgrasland 6210 Droge halfnatuurlijke graslanden en struikvormende facies op kalkhoudende bodems (Festuco-Brometalia) (*gebieden waar zeldzame orchideeën groeien) 6230 * Soortenrijke heischrale graslanden op arme bodems 6410 Grasland met Molinia op kalkhoudende, venige of lemige kleibodem (Eu-Molinion) 6430 Voedselrijke zoomvormende ruigten van het laagland, en van de montane en alpiene zones 6510 Laaggelegen schraal hooiland (Alopecurus pratensis, Sanguisorba officinalis) 7110 * Actief hoogveen 7120 Aangetast hoogveen waar natuurlijke regeneratie nog mogelijk is 7140 Overgangs- en trilveen 7150 Slenken in veengronden met vegetatie behorend tot het Rhynchosprion 7210 * Kalkhoudende moerassen met Cladium mariscus en Carex davalliana 7220 * Kalktufbronnen met tufsteenformatie (Cratoneurion) 7230 Alkalisch laagveen 8310 Niet voor het publiek opengestelde grotten 9110 Beukenbossen van het type Luzulo-Fagetum 9120 Zuurminnende Atlantische beukenbossen met ondergroei van Ilex of soms Taxus (Quercion robori-petraeae if Ilici-Fagion) 9130 Beukenbossen van het type Asperulo-Fagetu 9160 Sub-Atlantische en midden-Europese wintereikenbossen of eikenhaagbeukbossen behorend tot het Carpinion-betuli 9190 Oude zuurminnende eikenbossen met Quercus robur op zandvlakten 91D0 * Veenbossen 91E0 * Alluviale bossen met Alnion glutinosa en Fraxinus excelsior (Alno-Padion, Alnion incanae, Salicion albae) 91F0 Gemengde eiken-iepen-essenbossen langs de oevers van grote rivieren met Quercus robur, Ulmus laevis, Fraxinus excelsior of Fraxinus angustifolia (Ulmenion minoris) * betekent dat dit een prioritair habitat is. Dit houdt in deze habitats op wereldvlak bijna uitsluitend op Europees grondgebied voorkomen en dat Europa dus voor het duurzaam overleven ervan een grote verantwoordelijkheid draagt.
terug