De 14 km lange Handzamevaart is een onbevaarbare waterloop die van Kortemark naar Diksmuide stroomt, waar hij in de Ijzer vloeit. De vaart loopt langs en door het centrum van Diksmuide. De Grote en Kleine Dijk werden er heraangelegd met steigers voor plezierboten. In het kalme winterseizoen worden die gretig ingepalmd door vissers. Vliegvissers komen ook volop aan hun trekken in de Handzamevaart. Blankvoorn domineert deze waterloop maar her en der eisen ook brasem, paling, baars en kolblei hun plaats op.
Gelegen in het hart van de textielindustrie, is de Leie altijd een zeer druk bevaren rivier geweest. Die grote economische rol van de Leie bracht helaas ook zware vervuiling met zich mee met een stinkende en bijna visloze rivier als gevolg. Dankzij vele inspanningen van zowel Vlaanderen, Wallonië als Frankrijk gaat het vandaag weer een pak beter met de Leie in Zuid-West-Vlaanderen. Het levende bewijs daarvan is het toenemende aantal vissen dat er weer rondzwemt. Kolblei, rietvoorn, blankvoorn, brasem, giebel, karper, paling en snoekbaars doen de rivier en haar meanders weer herleven. Zelfs tot in het centrum van Kortrijk kan er weer gevist worden. Een aantal herinrichtingsplannen zijn opgestart voor de Leie en haar meanders in West-Vlaanderen. De uitbouw van visplatforms in Wevelgem, de aanplanting van visvriendelijke oevers in Bavikhove en het opnieuw verbinden van afgesneden meanderarmen zijn slechts enkele realisaties met als doel de natuur in dit gebied te herstellen en nog meer te beschermen.
De IJzer is een stroom die ontspringt in Frankrijk en uitmondt in Nieuwpoort. Bij hoge debieten durven de valleien van de IJzer ter hoogte van de IJzerbroeken al eens te overstromen. Verontreiniging, afkomstig van bijrivieren waar huishoudelijk en industrieel afvalwater werd geloosd, en belasting door intensieve landbouw en veeteelt hadden in de jaren zeventig en tachtig een nefaste invloed op de waterkwaliteit en het visbestand. Saneringswerken hebben het tij stilaan kunnen keren. De belangrijkste aanwezige vissoorten zijn blankvoorn, paling, riviergondel, giebel, brasem, snoekbaars, kolblei en zeelt. Ook enkele zeldzame soorten zwemmen rond in de IJzer zoals vetje, bittervoorn en kleine modderkruiper.
Het landinrichtingsproject ‘De Westhoek’ startte in de jaren negentig met herstelmaatregelen om de grotendeels ingedijkte IJzer wat meer van haar natuurlijke karakter terug te geven. Men legde paaiplaatsen en opgroeigebieden aan voor vis. Obstakels voor vismigratie worden ook aangepakt. In het sluizencomplex van Ganzepoot moet bijvoorbeeld een aangepast beheer en technische oplossingen ervoor zorgen dat de migratie tussen zoetwater en zoutwater vlotter verloopt. De aanleg van hengelstoepen en hengelsteigers verhoogt ook de recreatieve aantrekkingskracht van deze stroom.