Komt voor in vrij voedselarm, zwak zuur “schoon water”. Vroeger was de soort vooral aanwezig in zwakgebufferde vennen. Maar door de snelle uitbreiding van grotere en meer competitieve planten, zoals Veenmos en Knolrus, verdwijnt de drijvende waterweegbree snel. Deze soort heeft in heidegebieden alleen nog een kans in pas afgegraven of regelmatig geschoonde poelen en sloten. Verder staat zij in al of niet gekanaliseerde beken of kanalen en in poelen.
De soort kent drie overlevingsstrategieën:
De bloei begint vrij vroeg in de voorzomer. De bloemen zitten boven water, maar na de bloei kromt hun steel zich naar beneden zodat de vruchten onder water rijpen. De soort kent ook een vegetatieve verbreiding, doordat losse fragmenten stroomafwaarts weer kunnen wortelen.
Watervegetatie in voedselarm tot matig voedselrijk water.