Groenknolorchis: Ecologie


Biotoop

Groeit op zonnige tot licht beschaduwde, min of meer natte plaatsen, die onder invloed staan van basenrijk grondwater en groeien op niet te dicht begroeide plaatsen. Het meest wordt ze aangetroffen in duinvalleien, trilvenen en alkalische laagveenmoerassen.

Voortplanting

Zelfbestuiving is de regel. Regendruppels kunnen de stuifmeelkorrels helpen de stempel te bereiken. De zaden komen pas vrij eens de vruchtwand vergaan is. De knol overwintert, vaak met de dode stengel met vruchtresten er nog bovenop. Ernaast zal een nieuwe spruit en knol tot ontwikkeling komen.

Standplaats

Een plant van voedselarme, kalkrijke, basische laagveen-moerassen. Indicator voor zeer stikstofarme, natte, sterk basische of kalkrijke bodems.