In de regio Hamme-Dendermonde liggen de projectgebieden Vlassenbroek en Grote Wal-Kleine Wal-Zwijn, waarvan de werken in 2010 starten. Langs deze gebieden zullen talrijke routes wandelaars en fietsers aantrekken om korte en lange tochten te maken waarbij ze de cultuur en natuur van de Schelde ten volle kunnen beleven.
Het gebied Grote-Wal, Kleine-Wal, Zwijn wordt een gecontroleerd overstromingsgebied (GOG). Een verlaagde overloopdijk zorgt ervoor dat bij gevaarlijke stormvloeden het Scheldewater in het gebied loopt. Door water aan de Schelde te onttrekken verlaagt de waterstand op de rivier, waardoor de kans op overstromingen in bewoonde gebieden afneemt. Wal-Zwijn wordt een ‘wetland’: rietlanden, natte ruigtes afgewisseld met stukjes moerasbos en open water. Het Groot Schoor dat aan de Schelde grenst, wordt ontpolderd.
In Vlassenbroek komt een gecontroleerd overstromingsgebied dat de veiligheid in het Zeescheldebekken bijkomend zal ondersteunen. Het noordelijk deel van de polder komt opnieuw onder invloed van het getij. Door een grote sluisconstructie in de dijk vloeit er bij elke hoogtij een beperkte hoeveelheid water in het gecontroleerd gereduceerd getijdengebied (GGG). Bij eb stroomt het terug naar de Schelde. Hier zullen slikken en schorren van het zoetwatergetijdengebied ontstaan. Deze zijn zeldzaam op Europese schaal en zijn bovendien essentieel om het Scheldewater gezond te houden. Het zuidelijk deel van Vlassenbroek zal enkel bij extreem hoge waterstanden overstromen, wat in combinatie met een hoger grondwaterpeil, een ideale situatie creëert voor een moerasbos met elzen.