Net zoals in het algemeen soortenbeleid, hebben we ook in het exotenbeleid een passieve en actieve aanpak. De actieve aanpak ligt heel gevoelig bij de publieke opninie, maar kan beschouwd worden als een noodzakelijk kwaad. Immers niet alleen kunnen “alien invasive species” een bedreiging vormen voor de inheemse biodiversiteit, maar kunnen ze de gemeenschap heel wat geld kosten op economisch vlak en kunnen ze onze gezondheid en welzijn sterk negatief beïnvloeden.
Het Besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 1993 verbiedt ..
Het actieve exotenbeleid gebeurt enerzijds op gebiedsgericht niveau, met name binnen onze natuurlijke structuren.
Naast de aanpak van exoten binnen de natuurlijke structuren wordt er vanuit het strikte soortenbeleid een aanpak uitgewerkt. Immers heel wat exoten komen, al dan niet gedeeltelijk, voor buiten deze gebieden. Deze aanpak is geënt op de “Europese strategie in verband met invasive alien species”, opgesteld in het kader van de Bern Conventie. Preventie vormt de basis van deze strategie. Een aanzet werd gegeven door het opstellen van de positieflijst van zoogdieren (zie wetgeving). Door de massa van inter en intra continentaal transport en toerisme en het principe van vrijhandelsverkeer, is preventie een kwasi onmogelijke opgave geworden. Bovendien vallen heel wat processen buiten onze bevoegheid. Daarom wil het Agentschap voor Natuur en Bos preventie van herintroducties voorkomen door communicatie- en sensibilisatiecampagnes. Immers iedere burger is als consument, reiziger, huis- en tuinman, invoerder, grondbezitter, ... mee verantwoordelijk, al dan niet gewild, voor de invoer of het ontsnappen van exotische soorten in onze contreien. De bevolking wijzen op de gevaren van bepaalde exotische soorten is een vorm van preventie die binnen onze macht ligt.
Een volgende stap in het exotenbeleid is het instellen van een mechanisme van ‘vroege detectie’. Hoe vroeger wij kunnen ingrijpen op een IAS hoe efficiënter en goedkoper de verwijdering zal zijn. Niet alleen een vroege detectie is van belang, ook een vroeg ingrijpen is noodzakelijk. Het Agentschap voor Natuur en Bos werkt verder aan een strategie om dit optimaal te organiseren. Een eerste stap is deze website. Wanneer je ergens in Vlaanderen een nieuwe exoot opmerkt, aarzel dan niet de melding door te geven via het meldformulier op deze website. Het uiteindelijk (theoretische) doel van het exotenbeleid is de uitroeiing van de IAS. Voor de reeds in het wild gevestigde IAS is deze doelstelling niet haalbaar. In deze gevallen streven we naar de controle van de IAS populatie. Het doel van deze controle is de reductie van de densiteit en de verspreiding van de IAS zodat de impact op lange termijn binnen een aanvaarbare grens wordt gehouden. Om dit te realiseren zij er verschillende instrumenten van toepassing: