VEN / IVON

Rechten en vergoeding

Gebruikers en eigenaars met gronden in het VEN hebben niet alleen plichten. Ze hebben ook een aantal rechten

Eerst en vooral zijn de algemene beschermingsvoorschriften niet van toepassing op het woon- of bedrijfsperceel van legale woningen of bedrijven. Voor woningen of bedrijven in of in de onmiddellijke nabijheid van een VEN-gebied verandert er dus niets.

De afbakening van het VEN heeft voor sommige eigenaars economische gevolgen. De Vlaamse overheid stelt daar financiële compensaties tegenover. Zo zijn eigenaars van onbebouwde gronden in het VEN vrijgesteld van de successierechten en van het Vlaamse deel van de onroerende voorheffing voor onbebouwde percelen.

Als eigenaars van onroerende goederen, zoals bossen en graslanden, de gevolgen van het VEN te zwaar vinden, dan kunnen zij de overheid verplichten om hun gronden en gebouwen op te kopen. Die koopplicht geldt in een aantal gevallen.

Voor zachte recreatie zijn er in de VEN-gebieden geen bijkomende beperkingen. Wandelaars, fietsers, ruiters, ... zijn er meer dan welkom. Uiteraard wordt van hen verwacht dat ze rekening houden met de bestaande wettelijke regels en zorg dragen voor de natuur. De eigenaar is natuurlijk vrij om zijn terreinen al dan niet open te stellen.

De overheid stelt vergoedingen tegenover de algemene beschermingsmaatregelen en de inspanningen die afgesproken zijn binnen het natuurrichtplan.

Iedereen kan bij het Agentschap voor Natuur en Bos een verzoek indienen tot het sluiten van een natuurprojectovereenkomst om het natuurrichtplan mee te helpen uitvoeren. Tot 90% van de kosten kunnen vergoed worden. Voor de gemeente of provincie bedraagt de maximale bijdrage 50% van de onkosten.

Een waardeverlies door de maatregelen uit het natuurrichtplan tot verhoging van het waterpeil worden vergoed tot 80% van de waardevermindering.