Vanaf de inwerkingtreding van de nieuwe regeling: wat met bestaande beheerplannen?

Vanaf de inwerkingtreding van de nieuwe regeling: wat met bestaande beheerplannen?

1. Wat met een beheerplan dat ingediend is ter goedkeuring op het ogenblik dat de nieuwe regelgeving rond natuurbeheerplannen inwerking treedt?

Het beheerplan kan in principe nog goedgekeurd worden met toepassing van de nu geldende regelgeving rond bosbeheerplannen en beheerplannen van natuurreservaten (BVR 27 juni 2003). De indiener van het beheerplan heeft wel de mogelijkheid om het beheerplan te herroepen en opnieuw in te dienen als natuurbeheerplan. Vorm en inhoud moeten dan wel in overeenstemming zijn met de nieuwe regelgeving.

2. Wat met vroeger goedgekeurde, nog geldende beheerplannen?

Procedure voor de omzetting naar een natuurbeheerplan

Artikel 107 van het Decreet van 9/05/2014 tot wijziging van de regelgeving inzake natuur en bos voorziet een eenvoudige procedure om met minimale inspanning de nog lopende beheerplannen om te zetten naar een natuurbeheerplan.

De procedure samengevat:

  • Het ANB bezorgt aan de beheerder een brief (‘evaluatieverslag’) met daarin een beoordeling of er na toetsing aan onder meer de nieuwe regelgeving rond natuurbeheerplannen en programma’s en plannen voor de realisatie van Europese natuurdoelen, wijzigingen of aanvullingen nodig zijn om het beheerplan om te zetten naar een natuurbeheerplan.
  • Als er geen aanvullingen of wijzigingen nodig zijn, dan wordt het beheerplan vanaf ontvangst van het evaluatieverslag als een natuurbeheerplan beschouwd en dit voor de resterende looptijd.
  • Als er wel aanvullingen of wijzigingen nodig zijn:
    • De beheerder heeft zes maanden na ontvangst van het evaluatieverslag de tijd om de aanpassingen of aanvullingen te doen
    • Vervolgens beslist het ANB binnen zes maanden over de goedkeuring van het aangepaste beheerplan
    • Er moet geen publieke consultatie of adviesrondegebeuren
    • Vanaf de beslissing van het ANB is het oorspronkelijke beheerplan niet meer geldig en wordt een natuurbeheerplan inclusief de aanvullingen of wijzigingen goedgekeurd voor de resterende looptijd
    • De beheerder kan beroep aantekenen tegen de beslissing

Het ANB zal beheerders stimuleren om maximaal van deze eenvoudige procedure gebruik te maken, eerder dan een volledig nieuw natuurbeheerplan op te stellen.

Zolang de beheerder geen evaluatieverslag van het ANB ontvangen heeft, blijft het oorspronkelijke beheerplan gelden, inclusief de oude subsidieregeling.

Welke acties moeten concreet worden ondernomen in de omzettingsprocedure?

A. Het ANB

Voor de omzetting van alle bestaande beheerplannen naar natuurbeheerplannen, werkt het ANB momenteel een plan van aanpak uit rond de ‘evaluatieverslagen van bestaande beheerplannen’.

B. De terreinbeheerder (eventueel via de bosgroep)

  • De beheerder moet na het van kracht worden van de regelgeving zelf geen initiatief nemen en wacht bij voorkeur op de ontvangst van het evaluatieverslag.
  • Het ANB zal via het evaluatieverslag zoveel mogelijk zelf de nodige informatie bezorgen voor de omzetting, zodat de inspanning van de beheerder beperkt blijft.
  • Na ontvangst van het evaluatieverslag beoordeelt de beheerder of hij akkoord gaat met het voorstel van het ANB. Indien nodig werkt hij het natuurbeheerplan bij.
  • Opgelet : Wijzigingen of uitbreidingen aan het beheerplan die los staan van het evaluatieverslag kunnen niet goedgekeurd worden via de eenvoudige procedure van art. 107.

Welke bijkomende informatie is er nodig voor de omzetting naar een natuurbeheerplan?

De nodige bijkomende elementen worden maximaal voorbereid door ANB.

  • ambitieniveaukaart (type2, 3 of 4)
  • natuurstreefbeelden: kaart, tabel en GIS-laag
  • opvolgingsplan (zie code goede praktijk beheermonitoring, momenteel in voorbereiding)
  • bijgewerkte beheermaatregelen: aanvullen indien geldigheidsduur aangepast of wijziging indien ander natuurstreefbeeld
  • gegevens voor subsidies:
    • beheersubsidie
    • openstelling
    • omzetting naar natuurbeheerplan

Welke tijdspanne wordt haalbaar geacht?

In art. 107 wordt bepaald dat de omzetting moet gebeuren binnen vier jaar voor terreinen gelegen in een speciale beschermingszone (SBZ) en daarbuiten binnen zes jaar.

Volgorde:

jaar 1

bosbeheerplannen van voor 2003 in SBZ en VEN
beperkte bosbeheerplannen in SBZ en VEN

jaar 1  beperkte bosbeheerplannen buiten SBZ en VEN
jaar 1-4 in de SBZ: uitgebreide bosbeheerplannen en beheerplannen van erkende en Vlaamse natuurreservaten, bosreservaten en domeinbossen
jaar 4-6 buiten de SBZ: uitgebreide bosbeheerplannen en beheerplannen van erkende natuurreservaten, bosreservaten en domeinbossen