Wat te doen met verzwakte of dode in het wild levende dieren?

Wat te doen met verzwakte of dode in het wild levende dieren?

Soms kan je in de natuur een ziek, gewond, verzwakt of dood dier aantreffen.

Je vindt een verzwakt dier. Wat moet je doen?

Raak het dier niet aan. Zieke, gewonde of uitgeputte dieren voelen zich vaak bedreigd wanneer ze worden aangeraakt en kunnen dan soms agressief reageren.  Ze kunnen eveneens besmet zijn met ziektekiemen.

We raden aan om het dier eerst even te observeren om er zeker van te zijn dat het wel degelijk verzwakt is. Het kan immers gebeuren dat dieren gewoon aan het uitrusten zijn. Ook kan het gaan om jongen van (roof)vogels die op de grond liggen omdat ze uit hun nest zijn gesprongen, maar die nog worden gevoederd door hun ouders. Of jonge reekalfjes die door hun moeder verstopt zijn in de vegetatie en die ook nog gevoederd worden door hun moeder en helemaal niet achtergelaten zijn.

Raak de dieren zeker niet aan, jouw geur kan ervoor zorgen dat de ouderdieren het jong verstoten.

Wanneer je toch denkt dat het dier in nood is, bel je best eerst een gespecialiseerd opvangcentrum voor in het wild levende dieren om te vragen hoe je best ingrijpt.

Je vindt een dood dier. Wat moet je doen?

Blijf op afstand en raak het kadaver zeker niet aan. Dode dieren kunnen besmet zijn met ziektekiemen.

Een elementaire hygiëneregel stelt dat de beheerder of eigenaar ervoor zorgt dat een kadaver niet ter plekke ontbindt. Sommige soorten zijn beschermd en worden zelfs wetenschappelijk opgevolgd, en dus is het best dat je de bevoegde instanties meldt dat je een kadaver hebt gevonden. Zeker ook wanneer je meerdere kadavers van dezelfde soort of van andere soorten samen aantreft. Er kan immers een gezondheidsprobleem of infectie aan de basis van die uitzonderlijke sterfte liggen.

Heb je een dood everzwijn gevonden?

Na de uitbraak van Afrikaanse varkenspest bij everzwijnen in Wallonië, worden alle dood gevonden everzwijnen in Vlaanderen ingezameld voor analyse, tenzij ze een duidelijk slachtoffer zijn van jachtactiviteiten.

Blijf op afstand en raak het kadaver niet aan!

Bel zo spoedig mogelijk het contactpunt voor jouw provincie:

  • Limburg: 089/85 49 06
  • Antwerpen: 03/376 45 15 of 0473/48 48 97
  • Vlaams-Brabant: 052/33 64 10
  • Oost-Vlaanderen: 09/230 46 46 of 0495/42 84 77
  • West-Vlaanderen: 059 80 67 66

De gecontacteerde medewerker van het provinciale opvangcentrum voor wilde dieren zal vragen naar jouw precieze locatie en de situatie ter plaatse (ziet het kadaver er nog intact uit, of is het al deels vergaan, ligt het in een bos of langs de weg, is het een klein big of een groter zwijn, …).

De medewerker zal vervolgens verdere instructies geven. Deze persoon zal jou eventueel vragen om niet weg te gaan tot wanneer een ploeg ter plaatse komt om het kadaver op te halen voor onderzoek. Op die manier proberen we samen om eventuele ziekten bij wilde zwijnen snel vast te stellen en verdere spreiding te voorkomen.

Dode vogels?

Meld abnormale sterfte van wilde vogels in Vlaanderen en in Wallonië steeds via het gratis telefoonnummer van het ‘call center vogelgriep’: 0800/99777.

Deze kadavers zullen, als ze voldoen aan de gestelde onderzoekscriteria, door ANB worden ingezameld voor onderzoek op ziektekiemen zoals vogelgriepvirussen.

Dode amfibieën?

Wanneer je een dode amfibie in Vlaanderen aantreft waarbij het kadaver relatief vers is én intact is zonder traumatische doodsoorzaak (dus géén aangereden amfibieën, kadavers die zijn aangepikt door dieren en géén verdronken amfibieën) breng je deze best steeds naar één van de volgende Opvangcentra voor Wilde dieren (VOC) zodat de doodsoorzaak wordt onderzocht:   

  • Limburg: VOC Natuurhulpcentrum, Industrieweg Zuid 2051, 3660 Oudsbergen, tel. 089/85 49 06
  • Antwerpen: VOC Brasschaat-Kapellen, Holleweg 43, 2950 Kapellen, tel. 03/376 45 15 of 0473/48 48 97
  • Vlaams-Brabant: VOC Malderen, Boeksheide 51, 1840 Malderen, tel. 052/33 64 10
  • Oost-Vlaanderen: VOC Merelbeke, Liedermeersweg 14, 9820 Merelbeke, tel. 09/230 46 46 of 0495/42 84 77
  • West-Vlaanderen: VOC Oostende, Nieuwpoortsesteenweg 642, 8400 Oostende, tel. 059 80 67 66

Verpak het kadaver in een dubbele plastic zak of berg het op in een plastieken doosje. Volg steeds het veiligheidsprotocol om ongewilde verspreiding van het virus te voorkomen.

Ander dood dier?

Ligt het kadaver in een gewestelijk park of een groene ruimte in beheer van ANB, waarschuw dan ANB op telefoonnummer 02/553 81 02.

Ligt het kadaver in een groene ruimte beheerd door de gemeente, alsook een openbare weg, een niet-openbare weg of een privé-eigendom, contacteer dan de gemeentediensten of lokale politie.

Juridische informatie aangaande kadavers van dieren zonder (gekende) eigenaars

In het wild levende dieren noemt men juridisch ‘res nullius’ dieren, dit zijn dieren zonder eigenaar. De definitie van ‘res nullius dieren’ is ‘dieren die niet onder eigendom van een persoon vallen en die leven op terreinen of plaatsen die niet afgesloten zijn door een doorlopende constructie die erop gericht is de verspreiding van de dieren naar omliggende terreinen en plaatsen onmogelijk te maken, ongeacht de aard of de bedekking van die plaatsen’.

Wettelijk gezien vallen de kadavers van deze res nullius dieren zowel buiten de bevoegdheid van ANB als van OVAM. De juridische definitie van een afvalstof is ‘elke stof of elk voorwerp waarvan de houder zich ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen’. Aangezien het hier gaat om dieren zonder eigenaar is er geen houder die zich er zou kunnen of willen van ontdoen. Een uitzondering hierop is dood ongedierte dat vrijkomt bij ongediertebestrijding (bv. in een voedingsbedrijf, want dat wordt door de wetgeving wel aanzien als een afvalstof, meer bepaald een bedrijfsafvalstof. De houder wil er zich van ontdoen en mag dit dood ongedierte bijgevolg verwijderen als restafval.

De kadavers van res nullius dieren worden uitgesloten uit het toepassingsgebied van de Europese verordeningen 1069/2009 en 142/2011 die richtlijnen bevatten voor het verwijderen van afval en kadavers. OVAM en ANB zijn dan ook van mening dat, slechts indien kadavers/delen van kadavers van res nullius dieren hinderlijk zijn voor mens en milieu, de verwijdering ervan in analogie met deze wetgeving moet gebeuren.

In deze tabel res nullius (pdf - 82 KB) zijn de aanbevelingen opgenomen voor het verwijderen van kadavers van res nullius dieren om mogelijke hinder te voorkomen.

Wanneer kadavers zich bevinden op privéterrein, is de eigenaar van het terrein verantwoordelijk voor de opruiming van de kadavers.  Wanneer de kadavers zich bevinden op openbaar domein, is de gemeente verantwoordelijk voor de opruiming van de kadavers (cfr. de nieuwe gemeentewet art 135). 

Opgelet! Indien door een bepaalde ziekte bij in het wild levende dieren een risico ontstaat voor de volksgezondheid, voor de diergezondheid of voor de natuur, treedt het Wildedierenziektedecreet in werking. Dan kunnen specifieke bioveiligheidsmaatregelen worden opgelegd. 

Zo worden sinds de uitbraak van Afrikaanse varkenspest bij everzwijnen in Wallonië, alle dood gevonden everzwijnen in Vlaanderen ingezameld voor analyse, tenzij ze een duidelijk slachtoffer zijn van jachtactiviteiten (zie hierboven).

Daarnaast worden ook dode vogels onderzocht op vogelgriepvirussen en andere ziektekiemen (zie hierboven), en amfibieën op Chytridiomycose (zie hierboven).

Hieronder nog een stappenplan om te verduidelijken wat je best met een verzwakt, gewond of dood dier doet: