Ziekten bij in het wild levende dieren

Wat zijn de gevaren van wildedierenziekten?

Ziekten bij in het wild levende dieren kunnen een gevaar vormen voor de volksgezondheid, voor de economie en voor de natuur.

Een voorbeeld van een risico voor volksgezondheid is de overdracht van Vogelgriep (Aviaire influenza) van in het wild levende vogels op andere diersoorten en de mens. Ook de ziekte van Lyme (overgebracht door de teek) behoort tot die categorie.

Ook kunnen ziekten bij in het wild levende dieren een risico vormen voor de economische welvaart van beroepsmatige dierenhouders. Zo kunnen in het wild levende everzwijnen bijvoorbeeld Klassieke Varkenspest, Brucellose en Trichinellose overdragen op gedomesticeerde dieren. Dat heeft vervolgens een negatieve impact op de dierengezondheid en op de economie van de varkenssector.

Ten slotte kunnen sommige infecties bij in het wild levende dieren een bedreiging vormen voor het natuurbehoud wanneer zij het duurzame voortbestaan van een populatie van een inheemse soort in het gedrang brengen. Een voorbeeld daarvan is de schimmel Batrachothrychium dendrobatidis die de ziekte Chytridiomycosis veroorzaakt bij amfibieën. Deze ziekteverwekker is hoog pathogeen voor vele amfibieën en heeft wereldwijd al vele amfibieënsoorten doen uitsterven.

Het wereldwijde handelsverkeer en internationaal toerisme verhogen de kans op verspreiding van mogelijke ziekteverwekkers. Daarnaast is de impact van de klimaatverandering een belangrijke factor die de evolutie van het voorkomen van ziekten bij in het wild levende dieren bepaalt. Denk maar aan de uitbreiding van het verspreidingsgebied van malaria via muggen naar West-Europa.