Bijenparadijs in de Westhoek

Natuur en Bos en Natuurpunt Studie sloegen de handen in elkaar om beter zicht te krijgen op het belang van de Natura 2000-natuur voor wilde bijen en om hen in de toekomst beter te kunnen helpen. In 2019 werd in het kader van het Interreg-project SAPOLL het natuurgebied ‘De Westhoek’ in de duinen geïnventariseerd op wilde bijen. Heel wat wilde-bijensoorten komen hoofdzakelijk of uitsluitend in de duinen voor en zijn in ons land dan ook zeer zeldzaam. Tijdens het onderzoek werden maar liefst 77 wilde bijensoorten gevonden, wat het totale soortenaantal in het natuurgebied op 92 brengt, bijna een kwart van de totale Belgische soortenrijkdom!

Het Westhoekreservaat, gelegen tegen de Franse grens in De Panne, vormt met zijn 345 hectaren waarschijnlijk het grootste en meest intacte duingebied aan de Belgische kust. Door de grote diversiteit aan habitats, gaande van stuifduinen tot struweel, duinbossen en bloemrijke duingraslanden en duinpannen, is dit gebied een pareltje op vlak van biodiversiteit. Voor veel soorten is dit gebied één van de laatste ‘eilandjes’ waar ze kunnen standhouden aan onze verstedelijkte en versnipperde kust. Het gebied wordt beheerd door  Natuur en Bos van de Vlaamse overheid.

Van de ±400 bijensoorten die ons land rijk is, bouwt ongeveer 70% een ondergronds nest. Veel van deze soorten verkiezen open zandgrond om een nest in uit te graven. Aangezien bloemrijke habitats met open zandgrond in het binnenland de afgelopen decennia grotendeels verdwenen zijn, kennen deze soorten in de Westhoek vaak een laatste bastion.

Een typische soort die tijdens dit onderzoek in grote aantallen werd gevonden, was het Zilveren fluitje (Megachile leachella), een bijtje dat haar naam dankt aan het hoge zoemgeluid dat ze maakt tijdens het zoeken naar voedsel. Deze soort is in het binnenland zeer zeldzaam geworden, maar lijkt het in de kustduinen vrij goed te doen. Een nog veel zeldzamere soort die in de Westhoek nog voorkomt, is de Kustbehangersbij (Megachile maritima). Dit is een grote bij die in het binnenland volledig uitgestorven is, en ook in de duinen – op enkele losse waarnemingen na – beperkt is tot de Westkust. Ook de Duinkegelbij (Coelioxys mandibularis) en de Grote kegelbij (Coelioxys conoideus) werden aangetroffen in het gebied. Deze twee soorten parasiteren op de twee eerder genoemde soorten, en kunnen dus enkel voorkomen waar deze een gezonde populatie hebben. Beide zijn verder zeer zeldzaam in ons land.

De meest bijzondere vondst tijdens dit onderzoek was ongetwijfeld de Slakkenhuistubebij (Stelis odontopyga), een soort waarvan enkel een waarneming uit 1954 in Koksijde gekend was. Na een eerste vondst in juni 2019, werden in juli 2019 nog twee exemplaren vastgesteld elders in het gebied, en werd de soort ook aangetroffen in de naburige Zeebermduinen. Deze soort parasiteert op de zeldzame Gedoornde slakkenhuisbij (Osmia spinulosa), een bijtje dat haar nest maakt in lege slakkenhuisjes. Ook de verwante Gouden slakkenhuisbij (Osmia aurulenta), die in Vlaanderen bijna enkel aan de Westkust voorkomt, werd in mooie aantallen waargenomen. Naast deze typische duinsoorten werden ook andere zeldzame bijensoorten aangetroffen, waaronder de Slangenkruidbij (Hoplitis adunca), een soort die enkel stuifmeel verzamelt op Slangenkruid.

Ondanks de intensieve inventarisatie, is het nog altijd mogelijk om nieuwe soorten te ontdekken in dit gebied. Onopvallende, kleine of zeldzame soorten werden mogelijk over het hoofd gezien, en klimaatopwarming kan in de nabije toekomst zorgen dat nieuwe, zuidelijke soorten het gebied koloniseren. Daarom blijft inventarisatie van dit gebied nuttig.

De ingrijpende inrichtings- en beheerwerken in het kader van de FLANDRE en VEDETTE-projecten zullen het gebied waarschijnlijk voor veel soorten nog aantrekkelijker maken. Op deze manier kan de Westhoek haar rol als bijenparadijs in de toekomst nog beter vervullen!