Bomen uit Vlaamse bossen lossen tekort van Vlaamse houtverwerkers op

Natuur en Bos van de Vlaamse Overheid verkoopt jaarlijks zo’n 220.000 m³ hout uit Vlaamse openbare bossen. Dit jaar deed het dat voor het eerst ook op een eigen houtpark in het Meerdaalwoud. Daarop werden 78 stammen van topkwaliteit en 62 stammen van B-kwaliteit (570m³) aangeboden. De verkoop was een succes: het merendeel van het hout, ongeveer 70%, blijft voor verwerking en toepassing in Vlaanderen en de nabije buurlanden. Met een totale opbrengst van 141.357,68 euro was de verkoop ook een financieel succes. Bovendien capteren de Vlaamse bossen na deze vellingen weer meer CO2. En dat is goed nieuws voor het klimaat. 

Ruim de helft van het hout uit Vlaanderen wordt als rondhout geëxporteerd naar Azië. Het vindt zijn weg niet naar lokale houtverwerkers die met grote houttekorten kampen. Bovendien zitten de mooiste stammen in één lot met de minder mooie stammen waardoor de prijs laag is. Het gevolg daarvan is dat kwaliteitshout vaak niet de hoogwaardige toepassing krijgt die het verdient. 

Liggende verkoop ambieert lokale verwerking van Vlaams hout

Vanaf 2019 moest dat anders, besliste Natuur en Bos. Vlaams kwaliteitshout moest opbrengen wat het waard is. Maar vooral: het moest zijn weg vinden naar lokale houtverwerkers voor zo hoogwaardig mogelijke toepassingen (parket, meubelen, trappen, fineer, …) in de regio.

Daarom verkocht Natuur en Bos zijn meest kwaliteitsvolle bomen voor het eerst op een eigen houtpark. De opening van de geschreven biedingen gebeurde op 21 februari 2019 op hetzelfde moment als de opening van de biedingen op de loten die zich bevonden op de houtparken van Saint-Avold (Frankrijk), Tenneville (Wallonië) en Neunkirchen (Duitsland).

Mooie prijzen, mooie verhalen

De verkoop was een succes. Zowel qua bestemming van het hout als qua prijs. 70% van de stammen vond zijn weg naar een fineerbedrijf (18m³), naar zagerijen (277m³) en rondhouthandelaars (275m³) uit België (9), Duitsland (1), Nederland (1) en het Groothertogdom Luxemburg (1). De totale opbrengst bedroeg 141 358 euro. De gemiddelde prijs per m³ bedroeg 248 euro per m³. De inlandse eik was zonder discussie de duurste houtsoort met een gemiddelde van 344 euro/m³ en uitschieters tot 824 euro/m³.  De twee andere podiumplaatsen waren voor de Amerikaanse eik (300 euro/m³) en de Gewone es (250 euro/m³).

Uitleggen waarom stammen opbrachten wat ze opbrachten, levert vaak mooie verhalen op. Zoals bomen die  sporen dragen van klimijzers omdat tijdens de wereldoorlogen brandhout mocht geoogst worden in de kruinen van de bomen. Of stammen die blauw kleuren doordat het ijzer van granaatscherven in reactie treedt met de tannines van de eik. Wijnvaten die zouden lekken doordat een tak 50 jaar geleden afbrak.

Houtverkopen zijn goed voor het klimaat en de natuur

Het mag raar klinken, maar bomen vellen is een manier om de CO2-afvang van een bos te optimaliseren. Ieder hectare (100 m x 100m) bos in Vlaanderen produceert, voor alle houtsoorten samen, zo’n 7 m³ hout per jaar.  Die groei realiseren bomen op basis van zonlicht, water en CO2 . 

Doordat bomen ook CO2  nodig hebben om te groeien, zijn ze ware klimaathelden. Alvast tot de leeftijd van 60 à 80. Daarna begint een boom stilaan af te sterven. Het hout begint te composteren en bij dat proces komt de gevangen CO2  langzaamaan weer vrij. Het komt er dus op aan om een deel van die oude bomen op tijd te kappen en te verwerken tot, bijvoorbeeld, een houten vloer. Dan wordt die CO2 vastgehouden zolang die vloer blijft liggen.

En de vrijgekomen plaats in het bos? Die neemt een jonge boom onmiddellijk in. Hij krijgt nu licht, kan groeien en volop CO2 beginnen vangen. Ondertussen wordt hij de biotoop van insecten, vleermuizen, vogels en paddenstoelen. Als hij mooi recht is, kiezen we er misschien voor om hem te vellen zodra hij ouder wordt. Als hij krom is, laten we hem rustig verder dik en krom worden en laten we het ecosysteem met rust.

Zo staan respect voor het ecosysteem en duurzaamheid centraal in de bosbeheerplannen van Natuur en Bos. Die plannen dragen dan ook terecht het strengste internationale duurzaamheidslabel voor bosbeheer, het FSC-label.