Populaties damherten en reeën in het Drongengoed groeien sterk

Op naar een visie voor de lange termijn

dinsdag, 5 januari, 2021

We kunnen het niet onder stoelen of banken steken: in het Drongengoed en de ruime omgeving doen reeën en damherten het zeer goed. Als de aantallen van deze dieren toenemen, stijgt echter ook de kans op schade aan natuur en landbouw en de kans op ongevallen op de weg. Om de evolutie van deze twee diersoorten op te volgen werden wildtellingen uitgevoerd in het Drongengoed en de directe omgeving. De telresultaten toonden een duidelijke stijging aan van zowel het aantal reeën als damherten. Ze vormen de basis van een mee door het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek uitgetekende toekomstvisie voor damherten en reeën in en rond het Drongengoed, waarbij het nu al duidelijk is dat een mix van maatregelen zal nodig zijn.

Meten is weten

Door middel van frequente en systematische tellingen willen we de evolutie van het wild in het Drongengoed opvolgen. In 2010 werd voor het eerst een telcampagne uitgevoerd. In de jaren die volgden (2011 tot en met 2014) werd deze telcampagne systematisch herhaald. In 2020 werd een nieuwe, identieke telling uitgevoerd om de trend van ree en damhert ten opzichte van 2014 in kaart te brengen. In de tussenperiode werden ook tellingen uitgevoerd door vrijwilligers.

Verschillende telmethodes werden gecombineerd om een zo gedetailleerd mogelijk beeld te krijgen. Er werd gewerkt met 3 vaste wandeltrajecten, met een vast autotraject dat steeds na schemering werd gereden, en aanvullend ook met een vaste fietsroute. Per traject werd berekend hoeveel dieren van welke soort per kilometer werden waargenomen. De gegevens van al deze jaren werden vergeleken.

Forse stijging bij de damherten en reeën

De resultaten tonen zowel voor ree als voor damhert een forse stijging aan. In de periode 2010-2014 bleven beide populaties nog relatief stabiel, maar sindsdien zijn de aantallen van beide soorten fors omhoog gegaan. De grootste stijging werd opgetekend in de periode 2017-2018. Ditzelfde beeld zien we bij elk van de gebruikte telmethodes terugkeren. Ander grofwild, zoals everzwijn, werd niet waargenomen tijdens de tellingen.

Schade

Bij te hoge aantallen reeën en damherten veroorzaken deze dieren aanzienlijke schade aan de natuur. Spontane of aangeplante bosverjonging wordt dan tegengewerkt doordat veel jonge boompjes en zaailingen worden aangevreten. Typische bosplanten gaan achteruit of verdwijnen zelfs als er teveel aan geknaagd wordt. Om die reden kan je in het Drongengoed tegenwoordig omheiningen zien staan rondom verse bosaanplantingen. Een ander probleem is dat overstekende reeën en damherten een impact hebben op de verkeersveiligheid, zeker voor de gewestwegen in de buurt. Op de lokale wegen zijn dan ook al meerdere aanrijdingen van overstekend wild gebeurd. Je snelheid aanpassen als je over een bosrijk traject rijdt is dan ook verstandig. Tot slot lijden landbouwers en boomkwekers economische schade wanneer de dieren hun gewassen of jonge boompjes voor een lekkernij aanzien.

Van aanvaardbare naar te hoge aantallen

Sinds iets meer dan tien jaar geleden enkele ontsnapte exemplaren zich vestigden is er in het Drongengoed een populatie damherten aanwezig. Hoewel het geen inheemse soort is, wordt een beperkte populatie getolereerd op voorwaarde dat de draagkracht van het gebied niet overschreden wordt en er geen duidelijke schade in omliggende gebieden wordt waargenomen. De nieuwe telgegevens en de toenemende meldingen van schade in de buurt wijzen er op dat zowel de uitheemse damherten als de inheemse reeën fors in aantallen zijn toegenomen. Dat er moet ingegrepen worden, is duidelijk. Welke ingrepen nodig en haalbaar zijn, wordt op dit ogenblik verder onderzocht.

Toekomstvisie

Het Agentschap Natuur en Bos vroeg aan het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) een wetenschappelijk onderbouwd aanpak voor het beheer voor reewild en damhert in Drongengoed uit te werken, rekening houdend met de verschillende doelstellingen voor het gebied. Het INBO brengt in kaart welke doelstellingen bereikt moeten worden in en rond het kerngebied en onderzoekt welke maatregelen hiervoor in aanmerking kunnen komen. Een deel maatregelen wordt op dit ogenblik al toegepast, maar dit volstaat niet. Dat het om een mix van maatregelen zal moeten gaan, waar zowel sensibilisatie, preventie als populatiebeheer deel van uitmaken, is nu al duidelijk. Dit plan wordt in overleg met verschillende betrokken partners opgemaakt.

Coronaproof dieren tellen

De tellingen konden maar plaatsvinden dankzij de inzet en medewerking van Wildbeheereenheid Langs de Hoge Kale, WBE De Kampel, de vrijwilligers van Natuurpunt Maldegem-Knesselare, Defensie, onafhankelijke vrijwilligers en verschillende medewerkers van Natuur en Bos. Dit vergde bijzondere inspanningen van iedereen in verband met veiligheid en flexibiliteit omdat de tellingen plaatsvonden in de eerste corona lockdown-periode. We houden er dan ook aan om iedereen die direct of indirect aan dit project heeft meegewerkt nogmaals van harte te danken.