Patrijs

Patrijs

De patrijs is een typische plattelandsvogel. De patrijs kan zich helaas, net als vele andere minder bekende akkervogels, niet zo goed aanpassen aan de evoluties op het platteland. De nieuwe landbouwtechnieken zorgen ervoor dat patrijzen minder goed overleven. De verstedelijking zorgt voor minder plaats voor de patrijs. Vele biodiversiteitsinspanningen in bos en natuur hebben voor akkervogels helaas vaak weinig nut. Ze vinden minder beschutting, ze vinden minder voedsel, de nesten gaan verloren, de kuikens sterven of worden gedood door landbouwwerkzaamheden of predatoren,… We zien dit probleem niet enkel in Vlaanderen, maar in heel Europa. Door de achteruitgang van de populatie staat de soort op de rode lijst als kwetsbaar.

De patrijs is bovendien een paraplusoort voor akkervogels in het algemeen: waar het goed gaat met de patrijs, gaat het meestal goed met de volledige akkerbiodiversiteit. Waar het slecht gaat met de patrijs,…

Het doel van de jager is om duurzaam te kunnen jagen. Daarom is de jager vaak een sterke bondgenoot in de bescherming van de patrijs. Voor velen klinkt dat als een contradictie. Maar als de jager de volgende jaren nog op patrijzen wil kunnen jagen, moet hij ervoor zorgen dat er voldoende patrijzen zijn om op te jagen. Want hij mag van de overheid pas jagen als er voldoende patrijzen zijn. Daarom doet de jager inspanningen zodat de patrijzen zich goed voelen, zodat ze kunnen overleven en zich talrijk kunnen voortplanten. Hij legt broedbiotoop aan en beschermt die, hij zorgt voor extra voedsel in hongerperiodes, hij spreekt met de landbouwer zodat de patrijzen de landbouwwerkzaamheden kunnen overleven, hij controleert de predatoren, hij legt wildakkers aan, hij spreekt wandelaars met loslopende honden aan op hun verantwoordelijkheid,…

In het beleid rond patrijs is het opvolgen van de populatie zeer belangrijk. Daarom telt de jager elk jaar de broedkoppels en geeft hij die cijfers door aan Natuur en Bos. Tot nu toe was er echter geen standaardmanier om die telling uit te voeren. Dat zorgt soms voor twijfels over de tellingen.

Om dat op te lossen heeft INBO een gestandaardiseerd telprotocol gemaakt. Vanaf 2021 wordt dat in heel Vlaanderen uitgerold. Daarbij gaan de jagers in de periode van 15 januari tot en met 31 maart het veld in. Op vaste telpunten in hun jachtterrein spelen zij het geluid van een roepende patrijs af en kijken ze of ze patrijzen zien die op het geluid reageren. Al die waarnemingen noteren zij op een kaart. Natuur en Bos verzamelt die kaarten. INBO verwerkt de informatie tot wetenschappelijke gegevens die de basis vormen voor het beleid.

Daarnaast is de verbetering van het akkerbiotoop belangrijk in het beleid rond patrijs. In het faunabeheerplan geven de jagers aan hoe ze meewerken aan een patrijsvriendelijk biotoop. In de komende jaren wordt er verder gewerkt om dat in de praktijk te ondersteunen en om die inspanningen ook duidelijk zichtbaar te maken.

Tot slot wordt ook extra ingezet op controle. De Natuurinspectie ziet er op toe dat er geen illegale jacht plaatsvindt, dat er geen illegale uitzettingen gebeuren, dat er geen kleine landschapselementen vernietigd worden, dat mensen hun honden niet zomaar laten loslopen in het veld,… Om dit te ondersteunen laat Natuur en Bos onderzoek doen naar patrijzengenetica en naar de betrouwbaarheid van de tellingen.