Natuurbeheerplan opvolgen (monitoring) en evaluatie

Natuurbeheerplan opvolgen (monitoring) en evaluatie

Alle beheermaatregelen bij de opmaak van het beheerplan vastleggen is moeilijk omdat we niet op voorhand zeker zijn dat de geplande maatregelen de gewenste resultaten zullen opleveren en omdat er ook onvoorziene zaken kunnen gebeuren zoals brand, storm, zeer natte of zeer droge weersomstandigheden, enz... Er is altijd een mate van onzekerheid omdat elke uitgangssituatie uniek is. Daarom worden er in het beheerplan afspraken gemaakt over de wijze waarop de beheerder  en de mate waarin de beheerdoelstellingen gehaald worden zal opvolgen en rapporteren aan het ANB. Het ANB voert op basis van die gegevens om de 6 jaar een beheerevaluatie uit, waarbij wordt nagegaan of het beheer op schema zit om de beheerdoelen te halen. Indien nodig zal het ANB in zijn evaluatieverslag een voorstel doen tot afwijkende beheermaatregelen. Als zou blijken dat de beheerdoelen zelf niet haalbaar zijn, kan het ANB de beheerder vragen om een aanvraag tot wijziging van het beheerplan in te dienen.

Wat doet de beheerder? Opvolging

De beheerder voert het opvolgingsplan zoals bepaald in deel  5 van het natuurbeheerplan uit:

  • 1. Opvolging van de beheerdoelstellingen:  

    Om de 6 jaar maakt de beheerder een kwalitatieve evaluatie per natuurstreefbeeld aan de hand van een evaluatieformulier, waarbij een inschatting gebeurt van enerzijds de kwaliteit van het natuurstreefbeeld en anderzijds de risico’s en invloedsfactoren. Voor bepaalde natuurstreefbeelden worden hiertoe specifieke indicatoren opgevolgd, namelijk wanneer er onvoldoende zekerheid is dat de natuurstreefbeelden zullen gehaald worden bij het uitvoeren van de geplande maatregelen.  In de ‘code goede praktijk beheermonitoring’ vind je voor welke natuurstreefbeelden je specifieke indicatoren moet opvolgen en met welke frequentie.
     

  • 2. Opvolging van de beheermaatregelen:

    De beheerder moet jaarlijkse de gesubsidieerde beheermaatregelen registreren. Het gaat daarbij over alle beheermaatregelen op beheereenheden waarvoor een of meerdere van volgende subsidies toegekend werden:

    • een beheersubsidie voor de realisatie van een natuurstreefbeeld vegetatie ,
    • beheersubsidie voor leefgebieden van soorten
    • projectsubsidie investering natuur
    • projectsubsidie openstelling (eenmalige inrichtingswerken)

Het ANB werkt hiervoor aan een  registratiemodule.
 

Wat doet het ANB? Evaluatie

Om de zes jaar vanaf de goedkeuring van het natuurbeheerplan maakt het ANB op basis van de gegevens die de beheerder heeft aangeleverd een evaluatie van de uitvoering van het natuurbeheerplan. De beheerder krijgt van het ANB een evaluatieverslag. Als blijkt dat de beheermaatregelen die voorzien zijn in het natuurbeheerplan niet geschikt zijn om de beheerdoelstellingen uit het plan te halen, doet het ANB een voorstel aan de beheerder. Dat kan gaan over afwijkende beheermaatregelen (zonder wijziging van het beheerplan) of over een wijziging van het natuurbeheerplan.

Als het natuurbeheerplan in een gebied ligt waarvoor er na de goedkeuring een managementplan Natura 2000 of een managementplan (ND art.48) van kracht wordt, zal het ANB tijdens de evaluatie ook nagaan of als gevolg daarvan de beheerdoelstellingen voor dat terrein moeten aangepast worden.

De beheerder van het terrein kan een gemotiveerd beroep instellen bij de minister binnen een termijn van 30 kalenderdagen na de kennisgeving van de door het ANB opgelegde wijziging van het natuurbeheerplan naar aanleiding van de 6-jaarlijske evaluatie.