Visserij

Meeneembeperking - vervoer en en in het bezit houden van vissen - aasvissen

Het gebruik van een leefnet is verboden in het belang van een efficiënte handhaving van de regels over het meenemen, vervoeren en in bezit houden van vissen!

Vissen > 15 cm 

Een visser mag maximaal 5 dode vissen groter dan 15 cm vervoeren en tijdens het hengelen in bezit houden. Enkel paling mag je levend in bezit houden.

Voor paling en snoekbaars is het aantal bovendien beperkt tot maximaal 3 stuks. Bijvoorbeeld: heb je al 3 snoekbaarzen en 1 blankvoorn, dan mag je maximaal nog maar 1 paling in bezit houden.

Aasvissen ≤ 15 cm

Een visser mag maximaal 20 aasvissen kleiner dan of gelijk aan 15 cm vervoeren en tijdens het hengelen in bezit houden. Het betreft maximaal 5 levende aasvissen, de overige aasvissen moeten dood zijn.

Toegelaten vissoorten

Uitsluitend de 10 hieronder afgebeelde vissoorten mag je vervoeren, tijdens het hengelen in bezit houden of gebruiken als aasvis. Alle andere vissoorten moet je na vangst onmiddellijk en voorzichtig vrijlaten in het water van herkomst.

  • Levende aasvissen en levende paling mag je enkel in een emmer of recipiënt gevuld met water bewaren en vervoeren.
  • Houd rekening met de maten op vissoorten.
  • Van 16 april tot en met 31 mei en ook tijdens de nachtvisserij mag je geen vissen vervoeren, tijdens het hengelen in bezit houden of gebruiken als aasvis.
  • Het is verboden om gevangen vissen ter plaatse te consumeren.

Beschermde soorten